Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De bewijsoverwegingen
5.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De schade van benadeelden
9.De toegepaste wettelijke voorschriften
10.De beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
24 (vierentwintig) maanden;
maatregelop dat verdachte verplicht is ter zake van het bewezen verklaarde feit tot
betaling aan de Staat der Nederlanden van een bedrag van € 2.000,-te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 31 juli 2018 ten behoeve van de benadeelde, en bepaalt, voor het geval volledig verhaal van het verschuldigde bedrag niet mogelijk blijkt, dat gijzeling voor de duur van 30 dagen kan worden toegepast. Tenuitvoerlegging van de gijzeling laat de betalingsverplichting onverlet;
De afgelopen jaren word ik bedreigd door [verdachte] .
Ik woon aan [adres 3] . Op 31 juli 2018 zag ik twee getinte mannen. Ik zag een man met een wit hemd vanaf de achterste auto in de richting van de voorste auto lopen. Ik zag een andere man met een zwarte pet in de nabijheid van de voorste auto staan. Ik hoorde dat beide mannen luid naar elkaar aan het schreeuwen waren. Op een gegeven moment zag ik dat beide mannen vlak bij de voorste auto bij elkaar kwamen. Ik zag dat beide mannen tegenover elkaar stonden. Ik zag dat beide mannen erg opgefokt naar elkaar reageerden. Dit maakte ik op uit het schreeuwen en de armgebaren die ze maakten. Ik zag vervolgens dat de man met het zwarte petje iets in zijn hand had wat glinsterde. Ik zag dat beide mannen met elkaar in gevecht raakten. Ik zag dat de man met de zwarte pet vervolgens kruislings met zijn mes zwaaide in de richting van de man met het witte hemd. Ik zag de man met het witte hemd zich afweerde met zijn armen. Vervolgens zag ik dat de man met de zwarte pet een steekbeweging maakte met zijn rechter arm met daarin het steekwapen. Ik zag dat de man met het witte hemd aan de linker zijde van zijn borst werd geraakt. Ik zag dat de man met de zwarte pet meerdere keren deze steekbeweging herhaalde. Tijdens het steken liep de man met witte shirt achterwaarts. Ik zag dat de man met het witte hemd achterover op de grond viel. Ik zag hierop dat de man met de zwarte pet er direct boven op zat. Ik zag op dat moment dat de man met de zwarte pet het mes nog in zijn hand had.
Het proces-verbaal van verhoor van getuige pagina 40 t/m 42, voor zover inhoudend, zakelijk weergegeven, als verklaring van [getuige 2] :
Ik ben zojuist getuige geweest van een incident aan de Oldenzaalsestraat te Enschede. Ik zag twee personen op de stoep staan ter hoogte van [naam] . Ik zag dat het twee mannen waren. Ik zag dat ze een woordenwisseling hadden. Ik zag dat aan hun gebaren. Terwijl wij er langs reden zag ik dat één van deze mannen een mes in zijn hand had. Ik kan de mannen als volgt omschrijven: de man met het mes had een donkere huidskleur, had een zwart petje op, droeg een zwart T-shirt en een zwarte korte broek, hij had een kort opgeknipt kapsel, normaal postuur, ongeveer 30 jaren oud, uitpuilende ogen. De andere man: ook donkere huidskleur, wit T-shirt, blauwe korte broek, minder kroezig haar dan de andere man, normaal postuur, ongeveer 30 jaar oud, maakte een rustige indruk. Ik kan het mes als volgt omschrijven: zwart handvat, lang puntig lemmet van zeker twintig centimeter zonder kartels, het lemmet glom en had een heel scherpe punt. Ik zag dat de man het mes langs zijn lichaam naar beneden hield. Ik zag dat ze met elkaar gingen vechten. Ik zag dat ze elkaar vast pakten. Ik zag dat de man die ik met het mes had gezien stekende bewegingen maakte. Ik zag dat de andere man probeerde de man af te weren met zijn armen. Ik zag dat de mannen doorgingen en dat ze kwamen te vallen. Ik zag dat de man die ik met het mes had gezien bovenop de andere man zat.