Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
wonende te [woonplaats] ,
wonende te [woonplaats] ,
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
- dagvaarding € 102,96
- griffierecht € 236,00
- salaris gemachtigde
- totaal € 818,96
Rechtbank Overijssel
Op 27 september 2019 sloten eiseres en gedaagde een huurovereenkomst voor een woning met een huurprijs van €720 per maand. Gedaagde bleef in gebreke met betaling van de huur over mei tot en met september 2020, waardoor een huurachterstand van €3.600 ontstond. Eiseres sommeerde gedaagde tot betaling en ontruiming van de woning per 1 oktober 2020.
Gedaagde verscheen niet op de mondelinge behandeling en verstek werd verleend. De kantonrechter oordeelde dat de huurovereenkomst rechtsgeldig was geëindigd per 30 september 2020 en dat gedaagde zonder recht in de woning verbleef. De gevorderde huurachterstand, incassokosten en wettelijke rente werden toegewezen.
De ontruiming werd bevolen binnen twee weken na betekening van het vonnis, met een gebruiksvergoeding van €23,67 per dag vanaf 1 oktober 2020 tot ontruiming. De machtiging aan eiseres om zelf ontruiming te verrichten werd afgewezen omdat dit niet op de wet berust. Gedaagde werd veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van huurachterstand, incassokosten, ontruiming van de woning binnen twee weken en betaling van een gebruiksvergoeding.