Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De bewijsoverwegingen
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De schade van benadeelden
€ 3.614,20 bestaande uit materiële en immateriële schadevergoeding, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf het moment waarop het strafbare feit is gepleegd.
9.De toegepaste wettelijke voorschriften
10.De beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
18 (achttien) maanden;
6 (zes) maanden niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten indien verdachte voor het einde van de
proeftijd van 3 (drie) jarende navolgende voorwaarde niet is nagekomen:
algemene voorwaardedat verdachte:
geldboete van € 170,--(honderdzeventigeuro), bij gebreke van volledige betaling en volledig verhaal te vervangen door
3dagen hechtenis;
maatregel
drie jarenop geen enkele wijze – direct of indirect – contact zal opnemen, zoeken of hebben met:
- [naam 1] , geboren op [geboortedatum 2] ;
- [naam 2] , geboren op [geboortedatum 3] ;
1 (één) week,met een totale duur van ten hoogste
6 (zes) maanden;
maatregelop dat verdachte verplicht is ter zake van de onder 1, 4 en 5 bewezenverklaarde feiten tot
betaling aan de Staat der Nederlanden van een bedrag van € 4.000,--,te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 6 augustus 2020 ten behoeve van de benadeelde, en bepaalt, voor het geval volledig verhaal van het verschuldigde bedrag niet mogelijk blijkt, dat gijzeling voor de duur van 50 dagen kan worden toegepast. Tenuitvoerlegging van de gijzeling laat de betalingsverplichting onverlet;