ECLI:NL:RBOVE:2020:1984
Rechtbank Overijssel
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid wrakingsverzoek wegens te late indiening
Verzoeker diende op 10 april 2020 een wrakingsverzoek in tegen kantonrechter H.R. Schimmel, belast met de behandeling van een strafzaak. Het verzoek betrof vermeende vooringenomenheid vanwege een e-mail van 2 maart 2020 waarin werd aangegeven dat het verzoek tot aanhouding van de zitting zou worden besproken met de officier van justitie.
De wrakingskamer oordeelde dat de feiten waarop het wrakingsverzoek was gebaseerd reeds op 2 maart 2020 bekend waren bij verzoeker. Hoewel de zitting van 12 maart 2020 en de daaropvolgende vakantie van de gemachtigde de indiening mogelijk vertraagden, had verzoeker het verzoek uiterlijk kort na 12 maart moeten indienen.
Omdat het wrakingsverzoek pas op 10 april 2020 werd ingediend, werd dit als te laat beschouwd. De wrakingskamer verklaarde verzoeker daarom niet-ontvankelijk en kwam niet toe aan de inhoudelijke beoordeling van het verzoek. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Verzoeker is niet-ontvankelijk verklaard in zijn wrakingsverzoek wegens te late indiening.