ECLI:NL:RBOVE:2020:1917
Rechtbank Overijssel
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Teruggave rijbewijs na snelheidsovertreding wegens persoonlijk belang en schuldbewustzijn
Klager, een zzp'er die zijn rijbewijs nodig heeft voor zijn werkzaamheden, reed met 124 km/u waar 60 km/u was toegestaan. Zijn rijbewijs werd daarop voor twee maanden ingevorderd. Klager diende een klaagschrift in tegen deze invordering en stelde dat het verlies van zijn rijbewijs zijn bedrijf ernstig zou schaden, vooral gezien de coronacrisis.
De officier van justitie stelde dat het belang van de verkeersveiligheid zwaarder weegt dan het persoonlijke belang van klager. De rechtbank Overijssel oordeelde dat het rijbewijs terecht was ingevorderd op grond van artikel 164 WVW Pro 1994. Echter, vanwege het feit dat klager nooit eerder in aanraking was geweest met politie of justitie voor soortgelijke overtredingen, zijn schuldbewustzijn en inzicht in het gevaarlijke van zijn handelen, achtte de raadkamer het redelijk om het rijbewijs terug te geven.
De rechtbank concludeerde dat het klaagschrift gegrond is en gelastte de teruggave van het rijbewijs aan klager. Hiermee werd het persoonlijke belang van klager in deze bijzondere omstandigheden zwaarder gewogen dan het belang van de verkeersveiligheid.
Uitkomst: Het rijbewijs van klager wordt teruggegeven ondanks de snelheidsovertreding vanwege zijn persoonlijke omstandigheden en schuldbewustzijn.