ECLI:NL:RBOVE:2020:1069
Rechtbank Overijssel
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Rechterlijke machtiging tot opname en verblijf op grond van de Wet zorg en dwang
De rechtbank Overijssel behandelde op 31 januari 2020 het verzoek van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) tot het verlenen van een rechterlijke machtiging voor opname en verblijf van betrokkene, geboren in 1958, op grond van de Wet zorg en dwang (Wzd).
Uit medische verklaringen en het verhoor ter zitting bleek dat betrokkene lijdt aan een psychogeriatrische aandoening, vermoedelijk dementie, die wordt verergerd door alcoholmisbruik. Dit leidt tot ernstig nadeel, zoals zelfverwaarlozing, maatschappelijke teloorgang, agressie oproepend gedrag, gevaar voor eigen en andermans veiligheid, en vergeetachtigheid ten aanzien van medicatie. Betrokkene is niet in staat zelfstandig voor zichzelf te zorgen en veroorzaakt schade in huis. Thuiszorg is reeds viermaal daags ingezet, maar de dochters van betrokkene zijn psychisch overbelast en betrokkene weigert verdere thuiszorg.
De rechtbank oordeelde dat opname en verblijf noodzakelijk en geschikt zijn om het ernstig nadeel te voorkomen of af te wenden. Minder ingrijpende maatregelen zijn niet mogelijk vanwege de overbelasting van de dochters en de weigering van betrokkene. Hoewel betrokkene zich verzet tegen opname, is voldaan aan de wettelijke criteria voor verlening van de machtiging. De machtiging wordt verleend voor de duur van zes maanden, tot en met 31 juli 2020.
De beschikking is op 31 januari 2020 mondeling gegeven door rechter M.H. van der Lecq en op 7 februari 2020 schriftelijk uitgewerkt en ondertekend.
Uitkomst: De rechtbank verleent een machtiging tot opname en verblijf voor zes maanden om ernstig nadeel bij betrokkene te voorkomen.