ECLI:NL:RBOVE:2019:4635
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - meervoudig
- M. van Bruggen
- A. Holten
- C.A. Peterzon
- Rechtspraak.nl
Toewijzing vordering tot uitstel voorwaardelijke invrijheidstelling wegens gedragsproblemen en recidiverisico
Veroordeelde is veroordeeld tot een gevangenisstraf van 9 jaar en 2 maanden, waarvan de tenuitvoerlegging in 2013 is gestart. Hij komt in aanmerking voor voorwaardelijke invrijheidstelling (v.i.) per 12 november 2019. De officier van justitie verzocht om uitstel van de v.i. voor 365 dagen vanwege meervoudige disciplinaire straffen en onvoldoende inperking van het recidiverisico.
Tijdens de zitting op 26 november 2019 verklaarde veroordeelde aanvankelijk niet mee te willen werken aan diagnostiek en bijzondere voorwaarden, maar inmiddels wel. De raadsman verzocht primair afwijzing van de vordering en subsidiair een uitstel van drie maanden voor diagnostiek. Een deskundige van de PI Vught verklaarde dat veroordeelde uitzonderlijk veel disciplinaire straffen kreeg en niet aan resocialisatie werkte.
De rechtbank overwoog dat veroordeelde een patroon van vermogens- en geweldsdelicten heeft, met mogelijk antisociale persoonlijkheidsstoornis. Door gedragsproblemen is nog geen diagnostiek of behandeling gestart. Het recidiverisico is hoog en het gedrag leidde tot plaatsing op een beperkte afdeling. Veroordeelde moet eerst positief gedrag tonen en meewerken aan diagnostiek en bijzondere voorwaarden. De rechtbank acht een uitstel van 365 dagen passend.
De rechtbank wijst de vordering tot uitstel van de voorwaardelijke invrijheidstelling toe voor de duur van 365 dagen vanaf de oorspronkelijke datum van v.i. Dit geeft veroordeelde de kans om aan diagnostiek deel te nemen en bijzondere voorwaarden te accepteren.
Uitkomst: De rechtbank stelt het uitstel van de voorwaardelijke invrijheidstelling vast op 365 dagen vanwege het hoge recidiverisico en gedragsproblemen van veroordeelde.