Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.[belanghebbende sub 1] ,
[belanghebbende sub 2],
Rechtbank Overijssel
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de uitvoeringscommissie tot vaststelling van de Lijst der Geldelijke Regelingen (LGR) voor het herverkavelingsblok Enter-Ypelo. Hij betwist onder meer de classificatie van de verkaveling, de kwaliteit van de toegekende gronden, en de waardering van kavelpaden. De uitvoeringscommissie heeft het beroep ongegrond verklaard.
Tijdens de mondelinge behandeling heeft verzoeker een taxatierapport overgelegd waarin wordt gesteld dat de kwaliteit van de toegewezen gronden minder is dan die van de ingebrachte gronden, hetgeen volgens hem leidt tot een onjuiste waardering in de LGR. De rechtbank oordeelt dat verzoeker zijn bezwaren onvoldoende heeft onderbouwd waar het gaat om de nutsklasse, maar dat de uitvoeringscommissie haar standpunt over de kwaliteit van de gronden onvoldoende heeft gemotiveerd.
De rechtbank ziet daarom aanleiding het beroep aan te houden en de uitvoeringscommissie in de gelegenheid te stellen haar beslissing op de genoemde onderdelen nader te onderbouwen. Verzoeker krijgt vervolgens gelegenheid om hierop te reageren. De rechtbank acht het niet nodig om zelf een deskundige te benoemen voor bodemonderzoek, maar wijst op de mogelijkheid dat de provincie een bodemdeskundige kan inzetten.
Uitkomst: Het beroep wordt aangehouden en de uitvoeringscommissie krijgt gelegenheid tot nadere onderbouwing van kwaliteitsverschillen van gronden.