Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.De procedure
- de dagvaarding met producties,
- de mondelinge behandeling op 5 juli 2019, waar de vrouw, bijgestaan door haar advocaat, en de man in persoon, zijn verschenen.
2.De feiten
(hierna: de woning) met [A] verlaten. Zij woont sindsdien met [A] bij haar ouders. De man is in de woning blijven wonen.
- onder meer - de ontbinding van het geregistreerd partnerschap uitgesproken. Tevens heeft de rechtbank een deskundige benoemd om de onderhandse verkoopwaarde van de, tot de gemeenschap van partijen behorende, woning te laten bepalen. Daarbij is bepaald dat partijen ieder de helft van het voorschot, dat door de deskundige is begroot op € 595,-- inclusief BTW, dienen te betalen.
aan de vrouw wordt toebedeeld:
3.Het geschil
4.De beoordeling
artikel 3:174 BW Pro verleend. Tevens is bepaald dat na verkoop van de woning en onder aftrek van de hypotheek en de met de verkoop gemoeide kosten de over- dan wel onderwaarde tussen partijen gelijkelijk zal worden verdeeld.
5.De beslissing
€ 500,-- voor iedere dag of gedeelte daarvan dat hiermee in gebreke wordt gebleven tot een maximum van € 10.000,--;