Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBOVE:2019:2277

Rechtbank Overijssel

Datum uitspraak
8 juli 2019
Publicatiedatum
8 juli 2019
Zaaknummer
08/952001-19
Instantie
Rechtbank Overijssel
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 317 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Heropening en schorsing van het onderzoek ter terechtzitting wegens onvoldoende informatie over verdachte

De rechtbank Overijssel heeft op 8 juli 2019 geoordeeld dat het onderzoek ter terechtzitting in de strafzaak tegen verdachte niet volledig was. Tijdens de beraadslaging bleek dat de rechtbank onvoldoende was voorgelicht over de persoon van de verdachte, mede gezien de ernst van de ten laste gelegde feiten en de inhoud van het dossier.

De rechtbank besloot daarom het onderzoek te heropenen en een observatie van de verdachte te laten plaatsvinden conform artikel 317 van Pro het Wetboek van Strafvordering. Tevens zal de verdachte en haar raadsman opnieuw worden gehoord.

Het onderzoek ter terechtzitting wordt geschorst tot een nader te bepalen tijdstip, in overleg met de officier van justitie, maar uiterlijk drie maanden na 8 juli 2019. De schorsing is noodzakelijk vanwege het ontbreken van eerder beschikbare zittingsruimte.

De rechtbank beveelt tevens de oproeping van de verdachte en haar raadsman voor de hervatting van het onderzoek. Het vonnis is gewezen door drie rechters en uitgesproken in het openbaar.

Uitkomst: Het onderzoek ter terechtzitting wordt heropend en geschorst tot uiterlijk drie maanden vanwege onvoldoende informatie over de verdachte.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Team Strafrecht
Meervoudige kamer
Zittingsplaats Almelo
Parketnummer 08/952001-19
Datum uitspraak: 8 juli 2019
Tussenvonnis in de zaak van de officier van justitie tegen:
[verdachte],
geboren op [geboortedatum] 1975 in [geboorteplaats] ,
wonende te [adres] ,
nu verblijvende in Zwolle PPC te Zwolle.

1.Het onderzoek ter terechtzitting

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzittingen van 5 april 2019 en 24 juni 2019. De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering van de officier van justitie mr. M. Zwartjes en van hetgeen door verdachte en de raadsman mr. J.B.A. Kalk, advocaat te Enschede, naar voren is gebracht.
De rechtbank is van oordeel dat het onderzoek ter terechtzitting niet volledig is geweest en moet worden hervat.

2.Nader onderzoek

De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken in het dossier en het verhandelde ter terechtzitting. Het onderzoek ter terechtzitting is op 24 juni 2019 gesloten. Bij de beraadslaging in raadkamer is echter gebleken dat het onderzoek niet volledig is geweest.
Gezien de inhoud van het dossier, de ernst van de ten laste gelegde feiten en de behandeling ter terechtzitting acht de rechtbank zich thans onvoldoende voorgelicht over de persoon van verdachte. De rechtbank overweegt daarom een observatie van verdachte in het kader van artikel 317 van Pro het Wetboek van Strafvordering (Sv).
De rechtbank zal het onderzoek heropenen om de officier van justitie, de verdachte en haar raadsman – zoals is voorgeschreven in artikel 317 Sv Pro – ter zake te horen.

3.Schorsing onderzoek ter terechtzitting voor onbepaalde tijd

De rechtbank zal het onderzoek ter terechtzitting in verband hiermee schorsen tot een in overleg met de officier van justitie nader te bepalen tijdstip niet later dan drie maanden na heden. De klemmende reden voor de duur van deze schorsing is dat er niet eerder zittingsruimte beschikbaar is.

4.De beslissing

De rechtbank:
- heropent het onderzoek ter terechtzitting;
- schorst het onderzoek tot een in overleg met de officier van justitie nader te bepalen
tijdstip, niet later dan drie maanden na heden;
- beveelt de oproeping van de verdachte en de raadsman.
Dit vonnis is gewezen door mr. E. Venekatte, voorzitter, mr. S.K. Huisman en mr. P.M. Breukink, rechters, in tegenwoordigheid van mr. M.A.J.H. Muurmans, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 8 juli 2019.