ECLI:NL:RBOVE:2019:2272
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs verboden wapenbezit na onrechtmatige aanhouding
Op 22 december 2016 vond een aanslag met een vermoedelijke handgranaat plaats op een woning in Enschede. Tijdens een doorzoeking op 17 mei 2017 werden wapens aangetroffen en werden verdachte en medeverdachten aangehouden. De verdediging stelde dat de doorzoeking en aanhouding onrechtmatig waren en vorderde niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie.
De rechtbank oordeelde dat de dagvaarding geldig was en dat de doorzoeking gerechtvaardigd was, maar stelde vast dat de inzet van het Aanhouding- en Ondersteuningsteam (AOT) van de Dienst Speciale Interventie zonder de vereiste toestemming had plaatsgevonden, wat een onherstelbaar vormverzuim opleverde. Desondanks werd aan dit verzuim geen rechtsgevolg verbonden, omdat verdachte niet was geschaad in zijn huisrecht.
De aanhouding van verdachte werd als onrechtmatig beoordeeld wegens gebrek aan redelijk vermoeden van schuld. Dit vormverzuim leidde echter niet tot niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie. Het bewijs van verboden wapenbezit werd niet overtuigend geacht, mede omdat anderen toegang hadden tot de plek waar de wapens werden gevonden en verdachte ontkende bewust te zijn van de wapens. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van het ten laste gelegde. De inbeslaggenomen wapens werden onttrokken aan het verkeer.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van verboden wapenbezit ondanks onrechtmatige aanhouding.