Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.[gedaagde 1] ,
1.De procedure
- de dagvaarding van 8 mei 2019 met 14 producties
- de brief van [gedaagde 1] c.s. van 14 mei 2019 met 7 producties
- de mondelinge behandeling op 16 mei 2019, alwaar [eiser] zijn eis heeft gewijzigd en aanvullende foto’s heeft overgelegd
- de pleitaantekeningen van [gedaagde 1] c.s.
2.De feiten
lost de lening ineens af op 15 maart 2017.
in de door Crediteur gewenste vorm en omvang zekerheid te stellen of reeds gestelde zekerheid aan te vullen.
van pandgever[ [eiser] , toevoeging voorzieningenrechter]
nu of in de toekomst te vorderen heeft en/of zal hebben uit hoofde van de in de considerans omschreven geldlening, verpandt pandgever thans in tweede verband aan pandhouder[Rabobank is eerste pandhouder, toevoeging voorzieningenrechter]
, die deze verpanding in thans tweede verband aanneemt, de volgende roerende zaken:
3.Het geschil
4.De beoordeling
- griffierecht € 639,00
- salaris advocaat