Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.De procedure
- de dagvaarding
- de mondelinge behandeling.
Rechtbank Overijssel
Partijen hadden een affectieve relatie waaruit een kind is geboren. De gedaagde kreeg in 2014 een huisverbod wegens mishandeling en er zijn meerdere meldingen van ruzies geweest. In juni 2018 deed eiseres aangifte van bedreiging via WhatsApp.
Eiseres vordert een straat- en contactverbod voor een jaar wegens dreiging en eerdere mishandelingen. De gedaagde verschijnt niet, verstek wordt verleend.
De voorzieningenrechter overweegt dat een straat- en contactverbod een zware inbreuk maakt op fundamentele rechten en alleen kan worden toegewezen bij een reële dreiging van onrechtmatig handelen. De ernst van de bedreigingen kan niet worden beoordeeld omdat het WhatsApp-gesprek niet is overgelegd. Bovendien was er sinds 2016 goed contact en geen onrechtmatig handelen na juni 2018.
De psychische problemen van de gedaagde zijn niet onderbouwd en eerdere mishandelingen liggen jaren terug. Het mogelijke ongevraagd verschijnen op de verjaardag van het kind is onvoldoende voor een actuele dreiging.
Daarom worden de vorderingen afgewezen en dragen partijen ieder hun eigen proceskosten.
Uitkomst: Vordering tot straat- en contactverbod wordt afgewezen wegens onvoldoende actuele dreiging.