ECLI:NL:RBOVE:2018:346
Rechtbank Overijssel
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen opslag gasflessen in steeg
Verzoeker heeft een voorlopige voorziening gevraagd tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Almelo om niet handhavend op te treden tegen de opslag van gasflessen in een steeg naast zijn woning en antiekhandel. Het primaire besluit was geweigerd, waarna verzoeker bezwaar maakte en de voorzieningenrechter inschakelde.
Tijdens de eerste zitting op 29 juni 2017 is de zitting geschorst om mediation te proberen, maar deze poging is mislukt. Kort na deze zitting hebben verweerder en de derde-partij de gasflessen verwijderd en sindsdien niet meer teruggeplaatst. Verweerder heeft dit gecontroleerd en bevestigd dat de opslag duurzaam is beëindigd.
De voorzieningenrechter oordeelt dat hierdoor het spoedeisend belang van verzoeker is komen te vervallen, zodat een inhoudelijke beoordeling van de onrechtmatigheid van de opslag niet meer nodig is. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt daarom afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de opslag van gasflessen in de steeg is afgewezen wegens het ontbreken van spoedeisend belang.