Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.De procedure
- het tussenvonnis van 14 maart 2018
- de akte uitlating deskundige van de Gemeente
- de akte uitlating deskundigenrapportage tevens houdende akte uitlating vorderingen en verjaring van JCDecaux
- de antwoordakte uitlating vorderingen en verjaring van de Gemeente.
2.De verdere beoordeling
inclusief21% btw. Op basis hiervan zal de rechtbank het voorschot op de kosten vooralsnog vaststellen op € 60.000,00 (het afgeronde gemiddelde van de begrote bedragen inclusief btw). Partijen kunnen desgewenst binnen twee weken na de datum van dit vonnis schriftelijk bij de rechtbank bezwaar maken tegen de hoogte van dit voorschot, zoals in de beslissing is vermeld. Indien partijen tijdig bezwaar maken, zal het voorschot worden vastgesteld bij afzonderlijke beslissing.
zulks uitsluitend ten behoeve van de beoordeling van het verjaringsverweer en zonder dat sprake is van een beslissing op dit punt gelet op het daarvoor noodzakelijk geachte deskundigenbericht.
van rechtswegenietig in de zin van artikel 3:40 lid 2 BW Pro – aangezien artikel 108 lid 3 VWEU Pro (het staatssteunverbod) daartoe (in dit geval) strekt – en worden ingevolge artikel 3:42 BW Pro
van rechtswegegeconverteerd in geldige bepalingen met marktconforme vergoedingen. Daarvoor is dus niet, zoals de Gemeente ten onrechte stelt, een uitspraak van de rechtbank noodzakelijk. De nietigheid en conversie werken
ex tunc.De nietige bepalingen zijn nooit rechtsgeldig geweest en de conversie heeft tot gevolg dat de wel geldige bepalingen vanaf het moment van het aangaan van de rechtshandelingen tussen partijen hebben gegolden.
3.De beslissing
binnen twee wekenna de datum van dit vonnis schriftelijk bij de rechtbank bezwaar maken tegen de hoogte van dit voorschot,
binnen twee wekenna de datum van de nota met betaalinstructies van het Landelijk Dienstencentrum voor de Rechtspraak,
- de deskundige voor aanvang van het onderzoek dient kennis te nemen van de Leidraad deskundigen in civiele zaken (te raadplegen op
- de deskundige het onderzoek pas na het bericht van de griffier omtrent betaling van het voorschot dient aan te vangen,
- de deskundige het onderzoek onmiddellijk dient te staken en contact dient op te nemen met de griffier, indien tijdens de uitvoering van de werkzaamheden het voorschot niet toereikend blijkt te zijn,
- uit het schriftelijk bericht moet blijken op welke stukken het oordeel van de deskundige is gebaseerd,
- de deskundige een concept van het rapport aan partijen moet toezenden, opdat partijen de gelegenheid krijgen binnen vier weken daarover bij de deskundige opmerkingen te maken en verzoeken te doen, en dat de deskundige in het definitieve rapport de door partijen gemaakte opmerkingen en verzoeken en de reactie van de deskundige daarop moet vermelden,