ECLI:NL:RBOVE:2017:956
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.C.S. Koppes
- M.A.H. Heijink
- L.T. Vogel
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak brandstichting en vernieling transportbedrijf Almelo
De rechtbank Overijssel behandelde de zaak van een 60-jarige verdachte die werd verdacht van brandstichting in een loods en vernielingen bij een transportbedrijf in Almelo op of omstreeks 15 mei 2016. De officier van justitie vorderde een gevangenisstraf van twee jaar en toewijzing van een civiele schadevergoeding van €50.000.
Tijdens de zittingen op 26 augustus 2016, 11 oktober 2016 en 17 februari 2017 werd bewijs besproken, waaronder camerabeelden waarop de verdachte werd herkend door aangever en getuige, forensisch onderzoek aan aanmaakblokjes, schoenen en tangen, en materiaal van de plaats delict. De verdediging betwistte de herkenning op de beelden en stelde dat het forensisch bewijs onvoldoende direct verband legde tussen verdachte en de feiten.
De rechtbank oordeelde dat de camerabeelden onvoldoende identificerend waren vanwege de korte duur, onduidelijkheid en het ontbreken van gezichtsscherpte. Hoewel het forensisch onderzoek aanwijzingen gaf, was er geen overtuigend bewijs dat verdachte de brandstichting en vernielingen had gepleegd. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van beide tenlastegelegde feiten.
De civiele vordering van de benadeelde partij werd niet-ontvankelijk verklaard omdat de strafrechter verdachte had vrijgesproken. De benadeelde partij werd verwezen naar de burgerlijke rechter voor haar schadeclaim. Tevens werd het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis opgeheven.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van brandstichting en vernieling wegens onvoldoende bewijs.