Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.De procedure
- de dagvaarding van 1 december 2017
- de brief van [de man] van 7 december 2017 met één nadere productie
- het verweer van [de vrouw] en de eis in reconventie van 15 december 2017
- de mondelinge behandeling.
Rechtbank Overijssel
Partijen, die een affectieve relatie hadden en deze in de zomer van 2016 beëindigden, zijn gezamenlijk eigenaar van een woning waarvan de man drie vierde deel bezit en de vrouw een vierde deel. De woning is nog niet verdeeld. De vrouw heeft de woning verlaten in december 2016. De woning is getaxeerd op € 270.000.
De man vorderde in kort geding dat de vrouw wordt verplicht mee te werken aan de overname van de woning door hem tegen de getaxeerde prijs, met dwangsommen bij niet-naleving, en dat zij haar medewerking verleent aan de notariële levering. Tevens vorderde hij vergoeding van bedragen gerelateerd aan overwaarde en eigenaarslasten. De vrouw betwistte deze vorderingen en stelde een eigen vordering in voor aanvullende bijdragen.
Tijdens de mondelinge behandeling bereikten partijen overeenstemming dat de vrouw haar eigendomsaandeel overdraagt aan de man, die haar ontslaat uit hoofdelijke aansprakelijkheid voor de hypotheek. De man draagt de kosten van overdracht en eventuele herfinanciering, evenals fiscale claims vanaf 1 januari 2017. Over de inboedel zal nog een nadere regeling worden getroffen. De proceskosten worden gecompenseerd zodat iedere partij haar eigen kosten draagt.
De voorzieningenrechter verklaart het vonnis uitvoerbaar bij voorraad en wijst het meer of anders gevorderde af. Het vonnis treedt in de plaats van de wilsverklaring en medewerking van de vrouw indien zij niet verschijnt bij de notariële overdracht.
Uitkomst: De vrouw draagt haar eigendomsaandeel in de woning over aan de man, die haar ontslaat uit hoofdelijke aansprakelijkheid en de kosten draagt.