ECLI:NL:RBOVE:2017:3495
Rechtbank Overijssel
- Kort geding
- G.G. Vermeulen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot toedeling woning en betaling restschuld in echtscheidingsprocedure
In deze kortgedingprocedure vordert de man dat de woning geheel aan hem wordt toegedeeld en dat de vrouw haar deel van de restschuld betaalt. Tijdens de mondelinge behandeling verklaart de vrouw dat zij, anders dan eerder toegezegd, niet in staat is haar deel van de restschuld te voldoen. De bank bevestigt dat ontslag van de vrouw uit de hoofdelijke aansprakelijkheid niet zal plaatsvinden zolang zij niet betaalt.
De man stelt dat hij de financiering alleen rond kon krijgen omdat de vrouw zou bijdragen aan de restschuld. Nu dit niet het geval is, kan hij geen hypotheek verkrijgen waarbij de vrouw wordt ontslagen uit de hoofdelijke aansprakelijkheid. Hierdoor blijft de woning onverdeeld en blijft de vrouw hoofdelijk aansprakelijk voor de hypotheekschuld.
De rechtbank overweegt dat toewijzing van de vordering ertoe leidt dat de vrouw geen mede-eigenaar meer is maar wel hoofdelijk schuldenaar blijft, wat in strijd is met redelijkheid en billijkheid. De rechtbank oordeelt dat nakoming van de overeenkomst tot verdeling niet kan worden verlangd en dat de verdeling op andere wijze moet plaatsvinden. De vordering tot betaling van €46.943,99 is onvoldoende onderbouwd en zal aan de bodemrechter worden voorgelegd.
Daarom wijst de rechtbank de vorderingen van de man af en bepaalt dat ieder zijn eigen proceskosten draagt.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van de man af en bepaalt dat ieder de eigen kosten draagt.