Uitspraak
Rechtbank Overijssel
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De bewijsoverwegingen
[adres 1]wordt genoemd en dat de tenlastelegging betrekking heeft op de periode van 1 augustus 2013 tot en met 16 februari 2015. Het ten laste gelegde onder 5 primair en subsidiair en 6 primair vermelden de locatie [adres 3] te Vroomshoop en een periode die eindigt op 1 december 2015, zijnde de datum waarop de politie een onderzoek aan de Aziëlaan instelde. De rechtbank zal dit aanmerken als een kennelijke verschrijving, nu het, gelet op het dossier en het verhandelde ter zitting, voor alle betrokken partijen duidelijk moet zijn dat het onder 6 subsidiair tenlastegelegde de
[adres 3]betreft en de steller van de tenlastelegging kennelijk de tenlastelegging onder 2 subsidiair heeft gekopieerd zonder daarin de op de [adres 3] betrekking hebbende wijzigingen aan te brengen. Naar het oordeel van de rechtbank wordt verdachte hierdoor niet in zijn belangen geschaad, en evenmin is door de verdediging ter zake verweer gevoerd. Tevens betrekt de rechtbank hierbij dat de pleegplaats, te weten Vroomshoop, gemeente Twenterand, correct is vermeld in het eerste gedeelte van het onder 6 subsidiair tenlastegelegde.
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De schade van benadeelden
€ 4.266,16, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf het moment waarop het strafbare feit is gepleegd, alsmede oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. Dit betreft materiële schade.
€ 4.361,56, te vermeerderen met de verschuldigde wettelijke rente vanaf de datum waarop het strafbare feit is gepleegd.
9.De toegepaste wettelijke voorschriften
10.De beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
6 (zes) maanden;
in zijn geheel niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten;
proeftijd van 2 (twee) jarende navolgende (bijzondere) voorwaarde(n) niet is nagekomen:
algemene voorwaardendat verdachte:
bijzondere voorwaardendat verdachte:
taakstraf, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid voor de duur van
240 (tweehonderdveertig) uren;
vervangende hechteniszal worden toegepast voor de duur van
120 dagen;
feit 2 subsidiairvoor een bedrag van € 4.266,16 niet-ontvankelijk is in de vordering, en dat de benadeelde partij de vordering voor dat bedrag slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;
feit 4 subsidiairtot betaling aan de benadeelde partij Enexis B.V. van een bedrag van
€ 4.361,56,te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 2 april 2015, voor zover dit bedrag niet door een mededader zal zijn voldaan;
feit 6 subsidiairtot betaling aan de benadeelde partij Enexis B.V. van een bedrag van
€ 4.755,10,te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 1 december 2015, voor zover dit bedrag niet door een mededader zal zijn voldaan;