ECLI:NL:RBOVE:2017:1766
Rechtbank Overijssel
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot beëindiging strafvervolging wegens voortgezet onderzoek oplichting beursgang
Verdachte, beoogd financieel directeur van een onderneming die een beursgang voorbereidt, verzocht de rechtbank om de strafzaak tegen hem te beëindigen op grond van artikel 36 Sv Pro, omdat hij nog niet is gehoord en de verdenking onjuist zou zijn.
De officier van justitie stelde dat het onderzoek, genaamd Wakatobi, omvangrijk en complex is en nog volop loopt, met veel in beslag genomen materiaal dat nog moet worden onderzocht. De rechtbank nam kennis van het dossier en hoorde partijen tijdens een niet openbare zitting.
De rechtbank oordeelde dat er voldoende aanwijzingen zijn voor het vermoeden van (poging tot) oplichting van investeerders door het presenteren van een bedrieglijk prospectus. Het feit dat verdachte nog niet is gehoord is een beslissing van het Openbaar Ministerie en geen reden om de zaak te beëindigen.
Gezien het lopende onderzoek, de internationale aspecten en de omvangrijke beslaglegging, is de vervolging niet gestaakt en wordt het verzoek tot beëindiging afgewezen. Ook is geen reden om de zaak aan te houden voor een termijn om alsnog een verhoor te plannen.
Uitkomst: Het verzoek tot beëindiging van de strafvervolging wordt afgewezen omdat het onderzoek nog loopt en de vervolging niet is gestaakt.