Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
5.De beslissing
- € 103,10 voor explootkosten
- € 223,00 voor griffierecht
- € 600,00 voor salaris gemachtigde;
Rechtbank Overijssel
De eiser is sinds 1 mei 1999 in dienst bij Museumrestaurant Schokland als directeur/gastheer en ontving een bruto maandsalaris van € 2.740, exclusief vakantiegeld en emolumenten. Vanaf 1 december 2016 heeft de werkgever geen loon meer betaald. De eiser vordert betaling van het loon vanaf die datum tot het einde van de arbeidsovereenkomst, inclusief vakantietoeslag, wettelijke verhoging en rente, alsmede toelating tot werkzaamheden, wasvergoedingen en incassokosten.
De werkgever betwist de loonvordering en stelt dat de eiser op 31 december 2016 op staande voet is ontslagen wegens disfunctioneren en frauduleus handelen. De eiser betwist het ontslag en de geldigheid van de dringende reden. De kantonrechter overweegt dat het ontslag op staande voet voorshands niet standhoudt omdat disfunctioneren zelden een dringende reden oplevert en een verbetertraject ontbreekt.
De loonvordering wordt daarom toegewezen met een wettelijke verhoging gemaximeerd op 25% en wettelijke rente. De vordering tot toelating tot werkzaamheden wordt afgewezen wegens een ernstig verstoorde arbeidsverhouding. De wasvergoeding wordt afgewezen vanwege onvoldoende bewijs van een structurele afspraak. De incassokosten worden toegewezen. De werkgever wordt veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De loonvordering wordt toegewezen vanaf 1 december 2016 tot het einde van de arbeidsovereenkomst, overige vorderingen worden deels afgewezen.