Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.De procedure
2.De beoordeling
5,0
€ 44,27
€ 476,00(exclusief btw)
Rechtbank Overijssel
Een zelfstandig ondernemer, opgeroepen als getuige in een strafzaak, maakte bezwaar tegen de door de griffier toegekende vergoeding voor tijdverzuim en reistijd. Hij stelde dat de vergoeding onvoldoende was gezien zijn gebruikelijke uurtarief en de tijd die hij kwijt was aan voorbereiding, getuigenverhoor en reistijd.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de vergoeding voor tijdverzuim en reistijd redelijk moest worden vastgesteld, rekening houdend met de daadwerkelijke inkomensderving en de maatschappelijke plicht om als getuige te verschijnen. De rechter erkende dat de ondernemer naast het verhoor en de reistijd ook twee uur had besteed aan voorbereiding.
Daarom werd het totale tijdverzuim vastgesteld op 8,5 uur, maar voor de vergoeding werd een redelijke declarabele tijd van 4,25 uur gehanteerd tegen het gebruikelijke uurtarief van €112 exclusief btw. De vergoeding werd vastgesteld op €518,46, inclusief de vervoerskosten. Het bezwaar werd gegrond verklaard en de eerdere beschikking vernietigd.
Uitkomst: Het bezwaar van de getuige tegen de vergoeding voor tijdverzuim is gegrond verklaard en de vergoeding is verhoogd naar €518,46.