ECLI:NL:RBOVE:2016:493
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak vrouw wegens onvoldoende bewijs invoer verboden groeihormonen
De rechtbank Overijssel behandelde een zaak waarin een vrouw werd verdacht van het invoeren van ongeveer 5 kilogram 17 beta-oestradiol, een verboden diergeneesmiddel, uit China. De tenlastelegging omvatte onder meer het maken van afspraken over vervoer en het afhalen van het pakket bij een koeriersdienst. De officier van justitie vorderde een voorwaardelijke gevangenisstraf, geldboete en taakstraf.
Tijdens de terechtzittingen op 13 oktober 2014 en 1 februari 2016 werd vastgesteld dat verdachte wel handelingen verrichtte die verband hielden met het strafbare feit, maar dat er geen overtuigend bewijs was dat zij opzettelijk en bewust deelnam aan het plegen van het delict. De verdediging betoogde dat er geen gezamenlijk plan was en dat de handelingen onvoldoende waren voor medeplegen.
De rechtbank oordeelde dat verdachte geen opzet had en dat haar betrokkenheid beperkt was tot een ondersteunende rol zonder kennis van de inhoud van het pakket. Er was geen bewijs van nauwe en bewuste samenwerking. Daarom sprak de rechtbank haar vrij en gelastte de teruggave van het inbeslaggenomen geldbedrag van €14.500 aan de verdachte.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van opzet en medeplegen bij invoer van verboden groeihormonen.