Uitspraak
Rechtbank Overijssel
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De vordering van de officier van justitie
gevorderd, te vermeerderen met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.
Rechtbank Overijssel
De rechtbank Overijssel behandelde de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van meerdere ontuchtplegingen met zijn pleegzoon tussen 2010 en 2015. De tenlastelegging omvatte diverse seksuele handelingen op verschillende locaties, waaronder vakanties in Engeland en hotelovernachtingen in Nederland.
De officier van justitie vorderde een gevangenisstraf van 28 maanden, deels voorwaardelijk, met aanvullende voorwaarden zoals meldplicht en contactverbod. De verdediging betoogde dat de verklaringen van het slachtoffer onvoldoende werden ondersteund door ander bewijs.
De rechtbank oordeelde dat in zedenzaken de enkele verklaring van het slachtoffer onvoldoende is zonder voldoende steunbewijs. Hoewel er enkele opmerkelijke omstandigheden waren, zoals homo-pornografisch materiaal op de telefoon van verdachte en contacten met een andere getuige, waren deze niet overtuigend genoeg om het tenlastegelegde buiten redelijke twijfel te bewijzen. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij en verklaarde de benadeelde partij niet-ontvankelijk in haar vordering.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van ontuchtpleging met zijn pleegzoon.