Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.De procedure
- de dagvaarding,
- de mondelinge behandeling.
2.De feiten
31 maart 2000 een samenlevingsovereenkomst gesloten. Eind december 2015 is de relatie tussen partijen beëindigd. De vrouw heeft de gemeenschappelijke woning, staande en gelegen aan [adres] te [plaats] , op 27 december 2015 verlaten.
9 mei 2016. Met het oog op onderhandelingen is deze dagvaarding ingetrokken door de vrouw. Partijen en hun advocaten hebben vervolgens getracht tot een oplossing te komen. De vrouw is inmiddels in het bezit gesteld van een gedeelte van de door haar verzochte zaken dan wel inboedelgoederen. Een deel van de door de vrouw verzochte zaken dan wel inboedelgoederen is nog steeds niet in haar bezit.