ECLI:NL:RBOVE:2016:393
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing gezamenlijk gezag grootmoeder en moeder over minderjarige
De moeder en grootmoeder van het minderjarige kind [A] hebben gezamenlijk verzocht om het gezag over het kind te delen. De moeder was tot dan toe alleen met het gezag belast. Het kind verblijft sinds de geboorte bij de moeder en grootouders, waarbij de grootmoeder een nauwe persoonlijke betrekking heeft en samen met de moeder de zorg draagt.
De biologische vader heeft het kind niet erkend en is niet in beeld, waardoor er geen familierechtelijke betrekking tot een andere ouder bestaat. De Raad voor de Kinderbescherming heeft een verklaring van geen bezwaar afgegeven voor het verzoek. De kinderrechter oordeelt dat het gezamenlijk gezag toewijsbaar is op grond van artikel 1:253t BW, omdat de moeder en grootmoeder reeds feitelijk samen het gezag uitoefenen en dit in het belang van het kind is.
De kinderrechter bepaalt dat de grootmoeder samen met de moeder het gezag over het kind krijgt en dat de verzoekers ieder hun eigen kosten dragen. Tegen deze beschikking kan binnen drie maanden hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Uitkomst: De grootmoeder wordt samen met de moeder belast met het gezag over het minderjarige kind.