De vennootschap onder firma Apotheek De Fenix verzocht de kantonrechter om ontbinding van de arbeidsovereenkomst met haar apothekersassistente, onder toekenning van een transitievergoeding. De grondslag voor het verzoek was een ernstig en duurzaam verstoorde arbeidsverhouding, mede veroorzaakt door frequent ziekteverzuim en een vermeende vertrouwensbreuk.
De kantonrechter stelde vast dat de werknemer zich regelmatig ziek had gemeld en dat er meerdere gesprekken en mediationtrajecten waren geweest om de arbeidsrelatie te verbeteren. De Fenix had echter nagelaten de ziekteverzuimmeldingen door een bedrijfsarts te laten onderzoeken, waardoor twijfel over de oprechtheid van de ziekmeldingen niet kon worden aangenomen. Tevens was onvoldoende duidelijk op welke wijze de vertrouwensbreuk was ontstaan, noch was aangetoond dat de arbeidsverhouding onherstelbaar was verstoord.
De kantonrechter concludeerde dat de ontbinding niet gerechtvaardigd was en wees het verzoek af. Daarnaast werd De Fenix veroordeeld om de werknemer binnen dertig dagen toe te laten tot haar werkzaamheden, onder dreiging van een dwangsom. De proceskosten werden aan De Fenix opgelegd en de beschikking werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.