ECLI:NL:RBOVE:2016:274

Rechtbank Overijssel

Datum uitspraak
28 januari 2016
Publicatiedatum
28 januari 2016
Zaaknummer
08.760195-15
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 289 SrArt. 45 lid 1 SrArt. 302 lid 1 SrArt. 300 lid 1 SrArt. 37 Sr
Verwijzingen
5 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Heropening onderzoek in strafzaak wurging driejarig meisje in Zwolle

De rechtbank Overijssel behandelt een strafzaak tegen een man die wordt verdacht van het wurgen van een driejarig meisje in Zwolle op 3 september 2015. De officier van justitie vordert TBS met dwangverpleging, hoewel de gedragsdeskundigen hier geen advies over hebben uitgebracht.

Tijdens de zitting van 28 januari 2016 is besloten het onderzoek te heropenen om de deskundigen, psychiater dr. A.W.M.M. Stevens en psycholoog drs. J.M. de Jonge, te horen over de gevorderde maatregel. De deskundigen hadden eerder geadviseerd tot plaatsing in een psychiatrisch ziekenhuis, maar niet over TBS met dwangverpleging.

De rechtbank acht het noodzakelijk om nader onderzoek te doen vanwege het belang van een zorgvuldige beslissing over de ingrijpende maatregel. De zaak wordt geschorst tot de zitting van 7 maart 2016, waar de deskundigen zullen worden gehoord. De verdachte is aanwezig en bijgestaan door zijn advocaat.

Uitkomst: Het onderzoek wordt heropend en geschorst tot nader deskundigenadvies over de gevorderde TBS-maatregel.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Afdeling Strafrecht - Meervoudige Strafkamer
Parketnummer: 08.760195-15
Uitspraak: 28 januari 2016
Vonnis in de strafzaak van:
het openbaar ministerie
tegen

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum 1] 1970 te [geboorteplaats] ,
wonende te [woonplaats] ,
thans verblijvende in het PPC te Zwolle,
Huub van Doornestraat 15.
Het onderzoek ter terechtzitting heeft plaatsgevonden op 25 januari 2016. De verdachte is verschenen, bijgestaan door mr. U. Yildirim, advocaat te Zwolle.

TENLASTELEGGING

De verdachte is - na wijziging tenlastelegging - ten laste gelegd dat:
(volgt tenlastelegging zoals ter terechtzitting gewijzigd)
hij op of omstreeks 3 september 2015 te Zwolle, in ieder geval in Nederland, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om een persoon, te weten [slachtoffer] , opzettelijk, en met voorbedachten rade, van het leven te beroven, met zijn beide handen de keel van die [slachtoffer] (geboortedatum [geboortedatum 2] 2012) heeft dichtgeknepen en (gedurende enkele seconden) heeft dichtgeknepen gehouden, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
art 289 Wetboek Pro van Strafrecht
art 45 lid 1 Wetboek Pro van Strafrecht
ALTHANS, voor zover voor het vorenstaande onder 1 geen veroordeling mocht of zou kunnen volgen, SUBSIDIAIR, terzake dat
hij op of omstreeks 3 september 2015 te Zwolle, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan [slachtoffer] , opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen met zijn beide handen de keel van die [slachtoffer] (geboortedatum [geboortedatum 2]
2012) heeft dichtgeknepen en (gedurende enkele seconden) heeft dichtgeknepen gehouden,
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
art 302 lid 1 Wetboek Pro van Strafrecht
art 45 lid 1 Wetboek Pro van Strafrecht
ALTHANS, voor zover voor het vorenstaande onder 1 geen veroordeling mocht of zou kunnen volgen, MEER SUBSIDIAIR, terzake dat
hij op of omstreeks 3 september 2015 te Zwolle, [slachtoffer] heeft mishandeld door met zijn beide handen de keel van die [slachtoffer] (geboortedatum [geboortedatum 2] 2012) dicht te knijpen en (gedurende enkele seconden) dichtgeknepen te houden;
art 300 lid 1 Wetboek Pro van Strafrecht

De eis van de officier van justitie

De officier van justitie, mr. A.C.J. Nettenbreijers, heeft ter terechtzitting gevorderd dat verdachte wordt ontslagen van alle rechtsvervolging en dat hem ter zake het primair ten laste gelegde de maatregel TBS met verpleging van overheidswege wordt opgelegd.

Hervatting van het onderzoek

De rechtbank kan in deze zaak nog niet tot een einduitspraak komen. Tijdens de beraadslaging is gebleken dat ten aanzien van de persoon van verdachte het onderzoek niet volledig is geweest. De rechtbank overweegt hieromtrent als volgt.
In zowel het de verdachte betreffend pro justitia rapport, psychiatrisch onderzoek, d.d. 15 december 2015 uitgebracht door A.W.M.M. Stevens, psychiater, als in het de verdachte betreffend pro justitia rapport, psychologisch onderzoek, d.d. 14 december 2015 uitgebracht door drs. J.M. de Jonge, GZ-psycholoog, wordt geadviseerd om verdachte op grond van artikel 37 van Pro het Wetboek van Strafrecht te plaatsen in een psychiatrisch ziekenhuis.
De officier van justitie heeft in weerwil van voormelde adviezen de maatregel TBS met verpleging van overheidswege gevorderd. Nu de gedragsdeskundigen zich in het geheel niet over deze door de officier van justitie gevorderde maatregel hebben uitgelaten en ook niet hebben gemotiveerd om welke redenen een plaatsing in een psychiatrisch ziekenhuis voor de duur van een jaar de meest passende maatregel is, is de rechtbank van oordeel dat het, vanuit het oogpunt van zorgvuldigheid en gelet op het belang van de te nemen beslissing omtrent het eventueel opleggen van een ingrijpende maatregel, aangewezen is om nader te onderzoek te doen. Hiertoe zal de rechtbank het onderzoek heropenen opdat dr. A.W.M.M. Stevens en drs. J.M. de Jonge ter terechtzitting hieromtrent zullen worden gehoord.

Beslissing

Het onderzoek wordt heropend en terstond geschorst tot de terechtzitting van
7 maart 2016 te 11:00 uur.
Het onderzoek ter terechtzitting kan niet binnen één maand worden hervat om de klemmende redenen van het overvolle zittingsrooster.
De rechtbank stelt de stukken in handen van de officier van justitie.
De rechtbank beslist dat A.W.M.M. Stevens en drs. J.M. de Jonge als
deskundigenop genoemde terechtzitting zullen worden gehoord.
De rechtbank beveelt de oproeping om op genoemde terechtzitting te verschijnen van de verdachte, zijn raadsman, de benadeelde partij, dr. A.W.M.M. Stevens, psychiater en drs. J.M. de Jonge, psycholoog.
Aldus gewezen door mr. B.T.C. Jordaans, voorzitter, mrs. L.J.C. Hangx en S.M. Milani, rechters, in tegenwoordigheid van mr. H.R. Lageveen als griffier en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 28 januari 2016.