Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
[eiser] te Zwolle, eiser,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart zich onbevoegd om van het beroep kennis te nemen;
- verklaart zich onbevoegd om van het verzoek om voorlopige voorziening kennis te nemen.
Rechtbank Overijssel
Eiser, een autorijschoolhouder te Zwolle, had een inschrijvingsovereenkomst met het CBR die per 1 augustus 2015 werd opgezegd. Het CBR bood een nieuwe overeenkomst aan, die eiser niet wilde accepteren. Eiser stelde beroep in tegen de opzegging en verzocht om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de opzegging van de inschrijvingsovereenkomst geen besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is, omdat het CBR deze overeenkomst niet op grond van publiekrechtelijke bevoegdheid aangaat maar privaatrechtelijk. Hierdoor is de rechtbank onbevoegd om van het beroep en het verzoek om voorlopige voorziening kennis te nemen.
De rechtbank wees erop dat het CBR weliswaar een publieke taak vervult, maar dat de inschrijvingsovereenkomst en de opzegging daarvan niet wettelijk zijn geregeld en geen publiekrechtelijke rechtshandeling vormen. Eiser werd geadviseerd zijn vordering aan de burgerlijke rechter voor te leggen. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd om van het beroep en het verzoek om voorlopige voorziening kennis te nemen.