ECLI:NL:RBOVE:2015:2692

Rechtbank Overijssel

Datum uitspraak
4 juni 2015
Publicatiedatum
4 juni 2015
Zaaknummer
08/760025-15
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs woningovervallen in Almelo

De rechtbank Overijssel behandelde op 4 juni 2015 de zaak tegen twee mannen uit Almelo die werden verdacht van woningovervallen op 6 en 10 februari 2015. De tenlastelegging betrof het stelen van een laptop en simkaart door middel van bedreiging met geweld en het dwingen tot afgifte van geld.

Tijdens de terechtzitting werd vastgesteld dat de verdachten wel degelijk op de genoemde data in de woningen aanwezig waren geweest. Echter, de rechtbank vond het bewijs onvoldoende om wettig en overtuigend vast te stellen dat de verdachten daadwerkelijk goederen hadden weggenomen of geld hadden afgedwongen zoals door de aangevers werd verklaard.

De officier van justitie baseerde zich op verklaringen van aangevers en getuigen, de vondst van een ijzeren staaf en verklaringen van de verdachten zelf. De verdediging voerde aan dat het ontbreken van de gestolen goederen bij de verdachten en het ontbreken van andere ondersteunende bewijzen tot vrijspraak moest leiden.

De rechtbank concludeerde dat de aangiftes niet werden ondersteund door andere bewijsmiddelen en sprak de verdachten vrij van de tenlastegelegde feiten. Hiermee werd het gevorderde gevangenisstraf van vier jaar niet toegewezen.

Uitkomst: Verdachten werden vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs voor diefstal en afpersing.

Uitspraak

Rechtbank Overijssel

Afdeling Strafrecht
Zittingsplaats Almelo
Parketnummer: 08/760025-15
Datum vonnis: 4 juni 2015
Vonnis (promis) op tegenspraak van de rechtbank Overijssel, meervoudige kamer voor strafzaken, rechtdoende in de zaak van de officier van justitie tegen:
[verdachte],
geboren op [geboortedatum] 1981 te [geboorteplaats],
wonende te [woonplaats],
ten tijde van de terechtzitting verblijvende in het Huis van Bewaring Zwolle, Huub van Doornestraat 15 te Zwolle.

1.Het onderzoek op de terechtzitting

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 22 mei 2015. De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering van de officier van justitie mr. K.J.L. de Valk en van hetgeen door de verdachte en diens raadsman
mr. M.P. Smit, advocaat te Almelo, naar voren is gebracht.

2.De tenlastelegging

De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte:
feit 1:al dan niet samen met een ander, door middel van (bedreiging met) geweld een laptop en een simkaart van [slachtoffer 1] heeft gestolen;
feit 2:al dan niet samen met een ander, door middel van (bedreiging met) geweld
[slachtoffer 2] heeft gedwongen tot de afgifte van 120 euro.
Voluit luidt de tenlastelegging aan de verdachte, dat:
1.
hij op of omstreeks 10 februari 2015 te Almelo tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een laptop en/of een simkaart, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 3], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders), welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 3], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan zijn mededader(s) hetzij de vlucht, mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat hij, verdachte, en/of zijn mededader
  • tegen die [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 3] heeft/hebben gezegd: “jij gaat mij meiers doen. Jullie hebben geld zat”, althans woorden van gelijke aard of strekking en/of (vervolgens/ daarbij)
  • (die [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 3]) een (grote) ijzeren stang en/of staaf heeft/hebben getoond, althans duidelijk zichtbaar voor die [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 3] in de handen heeft/hebben vastgehouden.
2.
hij op of omstreeks 06 februari 2015 te Almelo tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld [slachtoffer 2] heeft gedwongen tot de afgifte van 120 euro, althans een hoeveelheid geld, in elk geval van enig goed geheel of ten dele toebehorende aan die [slachtoffer 2], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat hij, verdachte, en/of zijn mededader
  • die [slachtoffer 2] bij de borst heeft/hebben gepakt en/of (vervolgens)
  • (die [slachtoffer 2]) een (houten) knuppel heeft/hebben getoond, althans duidelijk zichtbaar voor die [slachtoffer 2] heeft/hebben vastgehouden en/of (vervolgens)
  • tegen die [slachtoffer 2] heeft/hebben gezegd dat ze zakjes (speed) wilden hebben en/of (vervolgens)
  • één of meer kasten heeft/hebben onderzocht en/of nagekeken.

3.De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte voor de feiten onder 1 en onder 2 wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van vier jaren, met aftrek van het voorarrest.

4.De voorvragen

De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zij bevoegd is tot kennisneming van deze zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.

5.De beoordeling van het bewijs

5.1
De standpunten van de officier van justitie en de verdediging
De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat wettig en overtuigend bewezen is dat verdachte de beide aan hem ten laste gelegde feiten heeft gepleegd, met dien verstande dat verdachte samen met een ander door middel van bedreiging met geweld een laptop en een simkaart toebehorende aan [slachtoffer 1] heeft gestolen en [slachtoffer 2] heeft gedwongen tot afgifte van 120 euro. De officier van justitie noemt als bewijsmiddelen de verklaringen van aangevers en getuigen, het aantreffen van de ijzeren staaf door de politie en de door verdachte en de medeverdachte afgelegde verklaringen.
De raadsman stelt dat weliswaar vaststaat dat verdachte en [medeverdachte] op 10 februari 2015 bij [slachtoffer 1] en [slachtoffer 3] op bezoek zijn geweest, maar dat niet bewezen kan worden dat zij de simkaart en de laptop hebben weggenomen. Immers alleen aangever [slachtoffer 1] verklaart dat zijn simkaart is verdwenen en de laptop is niet bij verdachte – die kort na het incident is aangehouden – aangetroffen. Evenmin kan worden vastgesteld dat er op 6 februari 2015 geld van [slachtoffer 2] is weggenomen. Alleen [slachtoffer 2] verklaart dit. Verdachte dient daarom van beide feiten te worden vrijgesproken.
5.2
De bewijsoverwegingen van de rechtbank
Uit wat zich in het dossier bevindt en uit hetgeen ter terechtzitting is verklaard, leidt de rechtbank af dat verdachte en [medeverdachte] op 6 februari 2015 bij [slachtoffer 2] en op 10 februari 2015 tweemaal bij [slachtoffer 1] en [slachtoffer 3] in de woning zijn geweest.
De rechtbank is evenwel van oordeel dat niet wettig en overtuigend bewezen kan worden dat bij gelegenheid van die bezoeken verdachte en [medeverdachte] goederen hebben weggenomen zoals aangevers [slachtoffer 2] (feit 2) en [slachtoffer 1] (feit 1) hebben verklaard. De beide aangiftes vinden op dat punt geen steun in de overige bewijsmiddelen.
5.3
De conclusie
De rechtbank acht niet bewezen wat aan de verdachte onder 1 en 2 is tenlastegelegd, zodat zij hem daarvan zal vrijspreken.

6.De beslissing

De rechtbank:
vrijspraak
verklaart niet bewezen dat verdachte het onder 1 en 2 tenlastegelegde heeft begaan en spreekt hem daarvan vrij.
Dit vonnis is gewezen door mr. G.J. Stoové, voorzitter, mr. J.H. Olthof en
mr. C.C.S. Koppes, rechters, in tegenwoordigheid van J.J.J. Bernsen, griffier,
en is in het openbaar uitgesproken op 4 juni 2015.