ECLI:NL:RBOVE:2015:2058
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - meervoudig
- E. Venekatte
- M. Melaard
- C.S.S. Koppes
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs bij beschuldiging afpersing, bedreiging en drugsvondst
De rechtbank Overijssel behandelde de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van twee gevallen van afpersing en bedreiging met geweld, alsmede het voorhanden hebben van 5.000 XTC-pillen. De feiten betroffen incidenten in juli en augustus 2014 waarbij geweld en bedreiging tegen slachtoffers werden ingezet om geld te verkrijgen en een aangifte te laten intrekken. Daarnaast werd verdachte verdacht van betrokkenheid bij de drugsvondst in een gehuurde loods.
Tijdens de zittingen op 21 november 2014, 16 januari 2015 en 10 april 2015 werd het bewijs besproken. De rechtbank oordeelde dat er onvoldoende wettig en overtuigend bewijs was om verdachte te verbinden aan de afpersings- en bedreigingsfeiten. Ook het feit dat verdachte toegang had tot de loods waar de XTC-pillen werden gevonden, was onvoldoende om te concluderen dat hij deze bewust voorhanden had.
Hoewel de XTC-pillen in de loods werden aangetroffen, stelde de rechtbank vast dat deze door een onbekend persoon waren achtergelaten. De rechtbank besloot daarom verdachte vrij te spreken van alle tenlastegelegde feiten, maar onttrok de inbeslaggenomen XTC-pillen aan het verkeer vanwege het belang van de wet.
De uitspraak benadrukt het belang van het bewijsvereiste en toont aan dat toegang tot een locatie niet automatisch leidt tot bewijs van betrokkenheid bij strafbare feiten die daar plaatsvinden.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van alle tenlastegelegde feiten wegens gebrek aan wettig en overtuigend bewijs.