ECLI:NL:RBOVE:2014:6891
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak van witwassen wegens ontbreken bewijs van schuld of opzet
De rechtbank Overijssel behandelde een zaak waarin een 57-jarige vrouw uit Hardenberg werd verdacht van witwassen van geldbedragen die afkomstig zouden zijn uit verduistering door haar ex-echtgenoot. De officier van justitie stelde dat zij schuldwitwassen had gepleegd door het gebruik en beheer van gelden waarvan zij zou moeten vermoeden dat deze uit een misdrijf afkomstig waren. De vrouw ontkende dit en stelde dat zij niet betrokken was bij de financiële huishouding en dat zij vertrouwde op de verklaringen van haar ex-man.
Tijdens de zitting kwam naar voren dat de ex-echtgenoot jarenlang een dubbelleven leidde en grote bedragen verduisterde van een Zwitserse bankrekening. De verdachte was niet op de hoogte van deze verduisteringen en dacht dat de financiële situatie verklaard kon worden door het inkomen van haar ex-man, beleggingen en een schenking van haar stiefvader. De rechtbank concludeerde dat de verdachte niet wist en ook niet redelijkerwijs had moeten vermoeden dat het geld uit een misdrijf afkomstig was.
De rechtbank verwierp het verweer van het openbaar ministerie en stelde vast dat de vervolging ontvankelijk was, ondanks de lange duur van het onderzoek. Uiteindelijk sprak de rechtbank de verdachte vrij omdat het bewijs onvoldoende was om schuld of opzet aan te tonen. De rechtbank benadrukte dat de verdachte geen onderzoeksplicht had ten aanzien van de herkomst van de gelden, gezien de situatie en het vertrouwen in haar ex-man.
De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de rechtbank Overijssel op 24 december 2014, waarbij de verdachte werd vrijgesproken van alle tenlastegelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken omdat niet bewezen kon worden dat zij wist of redelijkerwijs had moeten vermoeden dat het geld afkomstig was van een misdrijf.