ECLI:NL:RBOVE:2014:6638

Rechtbank Overijssel

Datum uitspraak
14 november 2014
Publicatiedatum
12 december 2014
Zaaknummer
3408636 ER 14-114
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Beschikking
Rechters
  • J.A.O.M. van Aerde
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 4:214 lid 1 BWArt. 4:206 lid 6 BW
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beschikking tot bepaling termijn indienen vorderingen nalatenschap en ontheffing publicatieplicht

Op 5 september 2014 is een verzoek ingediend bij de rechtbank Overijssel om een termijn vast te stellen voor het indienen van vorderingen in de nalatenschap van een overledene. De kantonrechter acht het redelijk om deze termijn te bepalen op zes weken na de datum van bekendmaking van de oproep om vorderingen in te dienen.

De vereffenaar van de nalatenschap is ontheven van de wettelijke publicatieplicht van zijn benoeming, omdat het aannemelijk is dat de schulden de baten van de nalatenschap zullen overtreffen en de preferente schuldeiser niet volledig zal worden voldaan. Om dezelfde reden wordt de vereffenaar ontheven van de verplichting om de oproep tot het indienen van vorderingen te publiceren in de Staatscourant en nieuwsbladen.

De beschikking zal wel op internet (rechtspraak.nl) worden bekendgemaakt. Er is afgezien van mondelinge behandeling, en tegen deze beschikking kan binnen drie maanden hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.

Uitkomst: De termijn voor het indienen van vorderingen wordt gesteld op zes weken na internetbekendmaking, met ontheffing van publicatie in Staatscourant en nieuwsbladen.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL
Team Kanton en Handelsrecht
Zittingsplaats Zwolle
zaaknummer. : 3408636 ER 14-114
datum :

Beschikking op een verzoek tot bepaling termijn indienen vorderingen

ingediend door:
mr. H. Reitsma,
verbonden aan AMS advocaten te 1060 CD Amsterdam, Postbus 69111,
verzoeker,
die blijkens de beschikking van de rechtbank Overijssel d.d. 29 augustus 2014 handelt als vereffenaar van de nalatenschap van:
de heer
[naam], geboren te Deventer op [geboortedatum] 1943 en overleden te Deventer op [datum] 2014, laatst gewoond hebbende te Deventer, hierna te noemen: erflater.

De procedure

Op 5 september 2014 is ter griffie ingekomen een verzoekschrift om een termijn vast te stellen als bedoeld in artikel 4:214 lid 1 BW Pro.
Nu de kantonrechter zich voldoende geïnformeerd acht, is afgezien van een mondelinge behandeling.

De beoordeling

De kantonrechter acht het gezien het belang van de schuldeisers van de nalatenschap redelijk de datum als bedoeld in artikel 4:214 lid 1 BW Pro te stellen op zes weken na de datum dat de oproep om de vordering bij de vereffenaar in te dienen, zal worden bekendgemaakt.
De rechtbank Overijssel heeft in haar genoemde beschikking d.d. 29 augustus 2014 de vereffenaar ontheven van de wettelijke publicatieplicht (ex artikel 4:206 lid 6 BW Pro) van diens benoeming. De kantonrechter zal om de zelfde reden, namelijk dat het aannemelijk is dat de schulden de baten van de nalatenschap zullen overtreffen en de preferente schuldeiser (de eerste hypotheekhouder CMIS Nederland B.V.) al niet volledig voldaan zal kunnen worden, de vereffenaar ontheffen van de verplichting om de oproep zoals bedoeld in artikel 4:214 lid 1 BW Pro juncto artikel 4:206 lid 6 BW Pro te plaatsen in de Staatscourant en in een of meerdere nieuwsbladen, nu hiermee geen redelijk belang is gediend. De kantonrechter zal wel bepalen dat deze beschikking op internet (rechtspraak.nl) bekend zal worden gemaakt.

De beslissing

De kantonrechter:
- bepaalt dat de datum als bedoeld in artikel 4:214 lid 1 BW Pro zal worden gesteld op zes weken na de datum dat de oproep zal worden bekendgemaakt;
- ontheft de vereffenaar van de verplichting om de oproep zoals bedoeld in artikel 4:214 lid 1 BW Pro te plaatsen in de Staatscourant en in een of meerdere nieuwsbladen;
- bepaalt dat deze beschikking op internet (rechtspraak.nl) bekend zal worden gemaakt.
Aldus gegeven door mr. J.A.O.M. van Aerde, kantonrechter, en uitgesproken in de openbare terechtzitting van , in tegenwoordigheid van de griffier. (lw)
Tegen deze beslissing kan, behoudens berusting, hoger beroep worden ingesteld binnen drie maanden na de dagtekening van deze eindbeschikking door indiening van een beroepschrift (door een advocaat) ter griffie van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.