Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[belanghebbende], te [plaats], (gemachtigde: mr. C.F.M. Jungerman).
Rechtbank Overijssel
Eisers, omwonenden van een coffeeshop, maakten bezwaar tegen een gewijzigde exploitatievergunning die de burgemeester van Steenwijkerland aan de exploitant had verleend. De vergunning betrof een horecabedrijf gevestigd aan een adres in het centrum van de plaats. Eisers stelden dat de overlast sinds de vergunningverlening was toegenomen, met name door hangjongeren, parkeerproblemen, geuroverlast en geluidsoverlast.
De burgemeester had de exploitatievergunning gewijzigd door de openingstijden te beperken, wat in het voordeel van eisers was. Tevens was de coffeeshop inmiddels verhuisd naar een naastgelegen pand zonder achterdeur, waardoor een deel van de overlast door het gebruik van de achterdeur en tussendeur niet meer mogelijk was. De rechtbank oordeelde dat eisers nog belang hadden bij het beroep, maar dat de overlast niet zodanig was dat de gewijzigde vergunning onrechtmatig was.
De rechtbank overwoog dat de overtredingen van voorwaarden verbonden aan de gedoogverklaring niet hadden geleid tot een onaanvaardbare toename van overlast. De wijziging van de openingstijden vormde een beperking ten opzichte van de eerdere vergunning. Gelet op het stedelijke karakter van het gebied en de horecabestemming vond de rechtbank dat de burgemeester terecht had gehandeld. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de gewijzigde exploitatievergunning van de coffeeshop wordt ongegrond verklaard.