Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
Stibbe Zwolle Holding B.V., te Zwolle
Rechtbank Overijssel
De rechtbank Overijssel behandelde het beroep van eiser tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Zwolle om een bouwstop en dwangsommen op te leggen wegens het niet naleven van vergunningvoorschriften bij bouwwerkzaamheden aan twee percelen in Zwolle.
Verweerder had op 2 juli 2013 een bouwstop opgelegd met een dwangsom van € 25.000,-- en op 12 en 19 juli 2013 invorderingsbesluiten genomen wegens overtredingen. Eiser voerde aan dat hij niet de overtreder was en dat de bouwstop onterecht was opgelegd.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht handhavend optrad omdat eiser als vertegenwoordiger van de eigenaar het in zijn macht had de bouwwerkzaamheden te staken. Het aanvullende proces-verbaal van 10 oktober 2014 werd buiten beschouwing gelaten vanwege gebrek aan ondertekening en datum. De rechtbank stelde vast dat de dakkapel na de bouwstop verder was afgewerkt, waardoor de dwangsommen terecht werden opgelegd en ingevorderd.
Het beroep werd ongegrond verklaard en de invorderingsbeslissingen bleven in stand. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en handhaaft de bouwstop en invorderingsbesluiten.