ECLI:NL:RBOVE:2014:5625
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek vervangende toestemming niveaubepalingen minderjarigen
Het Leger des Heils (LDH) heeft bij de rechtbank Overijssel een verzoek ingediend om vervangende toestemming te verkrijgen voor het uitvoeren van niveaubepalingen bij minderjarigen van 12 jaar en ouder die niet in staat zijn tot een weloverwogen waardering van hun belangen. Deze niveaubepalingen zijn bedoeld om passende vervolgplekken voor de kinderen te kunnen aanvragen, aangezien de huidige plaatsing bij Ambiq niet meer passend is door regelmatige escalaties.
De ouders van de minderjarigen zijn het niet eens met het verzoek en willen niet dat de IQ-bepalingen worden gebruikt voor het aanvragen van indicaties voor vervolgplekken. Zij stellen dat ambulante hulp thuis mogelijk is en verwachten dat het gerechtshof dit zal onderschrijven. De kinderrechter stelt vast dat vervangende toestemming op grond van artikel 1:264 BW Pro alleen kan worden verleend voor noodzakelijke medische behandelingen, en dat niveaubepalingen hier niet onder vallen.
Hoewel het LDH heeft aangevoerd dat jurisprudentie niveaubepalingen als medische behandeling kwalificeert, is deze jurisprudentie niet overgelegd. De kinderrechter verklaart het LDH ontvankelijk in het verzoek, maar wijst het af omdat het verzoek niet voldoet aan de wettelijke criteria. Tevens overweegt de kinderrechter dat de gezinsvoogd over recente IQ-gegevens beschikt en deze zonder concrete toestemming van de ouders mag gebruiken voor het zoeken naar een betere behandelplek, waardoor het belang van het LDH bij de toestemming is komen te vervallen.
Uitkomst: Het verzoek om vervangende toestemming voor niveaubepalingen wordt afgewezen omdat deze niet onder noodzakelijke medische behandeling vallen.