ECLI:NL:RBOVE:2014:5299
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Nietigverklaring dagvaarding wegens onvoldoende feitelijke omschrijving van tenlastelegging van schadelijke afbeeldingen aan minderjarigen
De verdachte werd verdacht van het tonen van afbeeldingen van blote mannen en vrouwen aan minderjarigen in de periode van november 2010 tot februari 2012. De tenlastelegging beschreef deze afbeeldingen echter te algemeen, zonder voldoende feitelijke specificatie van de inhoud.
De officier van justitie vorderde een werkstraf van 180 uur en een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee maanden met bijzondere voorwaarden, waaronder reclasseringstoezicht en ambulante behandeling. Tevens werd een schadevergoeding gevorderd voor een benadeelde partij.
De rechtbank oordeelde dat de tenlastelegging niet voldeed aan de eis van opgave van het feit zoals gesteld in artikel 261 Wetboek Pro van Strafvordering, omdat niet duidelijk was wat de feitelijke inhoud van de afbeeldingen was. Hierdoor was de dagvaarding nietig en kon de zaak niet inhoudelijk worden behandeld.
De rechtbank verklaarde daarom de dagvaarding nietig en wees de vordering van de officier van justitie af. Het vonnis werd uitgesproken op 7 oktober 2014 door de meervoudige kamer van de rechtbank Overijssel.
Uitkomst: De dagvaarding werd nietig verklaard wegens onvoldoende feitelijke omschrijving van de tenlastelegging.