ECLI:NL:RBOVE:2014:2322

Rechtbank Overijssel

Datum uitspraak
7 maart 2014
Publicatiedatum
1 mei 2014
Zaaknummer
764 2014
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • H. Hangelbroek
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 843a Rv
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek tot bewijsbeslag op digitale bestanden ter voorkoming van fishing expedition

In deze civiele zaak verzocht de verzoekster om verlof tot het leggen van conservatoir bewijsbeslag op digitale bestanden van de gerekwestreerden, waaronder interne en externe correspondentie en andere documenten die via zoektermen geselecteerd konden worden. Het doel was om deze documenten met een digitale zoekmachine te doorzoeken en relevante stukken te selecteren.

De voorzieningenrechter toetste het verzoek aan artikel 843a Rv. en het arrest van de Hoge Raad van 13 september 2013, waarin is bepaald dat bewijsbeslag slechts mag worden gelegd op nauwkeurig omschreven bescheiden om een fishing expedition te voorkomen. Het verzoek om alle digitale documenten te doorzoeken op basis van zeventien zoektermen werd als te ruim beoordeeld.

Daarnaast speelde mee dat partijen concurrenten zijn in een technologisch geavanceerde sector, waardoor bescherming van bedrijfsgeheimen zwaarwegend is. Gezien deze omstandigheden werd het verzoek afgewezen om te voorkomen dat de beslaglegging zou leiden tot ongeoorloofde inzage in vertrouwelijke informatie.

Uitkomst: Het verzoek tot bewijsbeslag op digitale bestanden wordt afgewezen vanwege het risico op een fishing expedition en bescherming van bedrijfsgeheimen.

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK

Team kanton en handelsrecht
Zittingsplaats
De voorzieningenrechter in de rechtbank Overijssel,
gezien het op [datum] 2014 ter griffie ontvangen verzoekschrift,
nummer [xxxx], van:
de vennootschap naar vreemd recht
[verzoekster],
gevestigd in [vestigingsplaats],
in deze zaak woonplaats kiezende te [plaats], ten kantore van haar
advocaten mrs. [X] en [Y],
gericht tegen:

1.De besloten vennootschap [gerekwestreerde 1],gevestigd te [vestigingsplaats], en2. [gerekwestreerde 2], wonende te [woonplaats],gerekwestreerden,

overweegt als volgt:

1.Het verzoek

1.1.
Het verzoek strekt tot verkrijging van verlof tot het leggen ban bewijsbeslag uit hoofde van artikel 843a Rv.. Verzoekers vragen, op grond van het risico van verduistering van gegevens door gerekwestreerden, dat de rechtbank het verlof zal verlenen zonder gerekwestreerden te horen.
1.2.
Het verzoek luidt als volgt:
1. om te bevelen dat ieder van de gerekwestreerden de deurwaarder volledige
toegang dient te verschaffen tot de gehele administratie inclusief alleonderliggende documentatie en informatie ongeacht of deze digitaal of in
hard copy beschikbaar zijn;
2. verlof te verlenen tot het treffen van conservatoir bewijsbeslag bij de hier
boven genoemde kantoren en huisadressen van gerekwestreerden, op alle
documenten en informatie zoals hierboven beschreven in para. 22 en 23
(ongeacht of die zich in hard copy bevinden dan wel zijn opgeslagen op
computers of andere informatiedragers);
3. toe te staan dat uitvoering zal worden gegeven aan hetgeen is bepaald onder i en 2
door de deurwaarder, bijgestaan door (een) IT-deskundige(n)
(DigiJuris), door middel van het kopiëren van alle door het beslag getroffen
documentatie en informatie op het terrein van gerekwestreerden in [plaats]en [woonplaats], en toe te staan dat elektronische bestanden incomputers en op andere informatiedragers worden geopend en doorzocht, of
indien dit niet mogelijk is, dat het is toegestaan de documenten en/of in
formatiedragers mee te nemen naar het kantoor van de bewaarnemer
(Digijuris) om daar kopieën te maken, in welk geval de originelen vervolgensbinnen vijf werkdagen aan gerekwestreerden zullen worden geretourneerd;
4. te bepalen dat de gerekwestreerden verplicht zijn om desgevraagd aan de
deurwaarder en/of de IT-deskundige(n) wachtwoorden etc. (in het geval
van versleuteling van bestanden) af te geven;
5. te bepalen dat, voor zover gerekwestreerden niet bereid zullen zijn hun
medewerking te verlenen ten aanzien van het leggen van het hiervoor ge
noemde conservatoire bewijsbeslag, het de deurwaarder zal zijn toegestaan om(i) alle relevante originele documenten en/of informatie en/of
andere informatiedragers mee te nemen naar het kantooradres van de
bewaarnemer teneinde kopieën van deze documenten te maken; en(ii) om kopieën en indien noodzakelijk forensische kopieën van de servers van
gerekwestreerden te maken teneinde de deurwaarder, bijgestaan door de
IT-deskundige(n), deze servers ten kantore van de bewaarnemer te laten
doorzoeken naar relevantie informatie. De deurwaarder zal verplicht zijn
de originele documenten / informatie en/of andere gegevensdragers te
retourneren aan gerekwestreerden binnen vijf werkdagen vanaf het mo
ment dat de tenuitvoerlegging van het voorlopig bewijs beslag is voltooid,
dan wel binnen een zodanige termijn als de voorzieningenrechter in goede
justitie zal vaststellen;
6. te bevelen dat de personen die betrokken zullen zijn bij de tenuitvoerleggingvan het conservatoire bewijsbeslag, zoals de deurwaarder en de IT
deskundige, niet toegestaan zal zijn om enig deel van de beslagen documentenen informatie ter inzage te geven aan Invenios of aan derden;
7. te bevelen dat de advocaten of vertegenwoordigers van Invenios niet gerechtigdzullen zijn aanwezig te zijn tijdens het leggen van het conservatoire bewijsbeslag;
8. te bevelen dat het in beslag genomen bewijs zal worden bewaard ten kantorevan de bewaarnemer, tot het moment(i) dat gerekwestreerden Invenios toestemminghebben gegeven tot toegang tot het in beslag genomen bewijs (of een deel daarvan) of(ii) de bevoegde rechter beveelt dat Invenios toegang dient te worden verschaft tot hetin beslag genomen bewijs (of een deel ervan);
g. te bepalen dat een eis in de hoofdzaak wordt ingesteld binnen zes maan
den vanaf de datum waarop met het leggen van conservatoir bewijsbeslag
ingevolge de op het onderhavige verzoek te geven beschikking is aangevangen, dan wel binnen een zodanige termijn als de voorzieningenrechter in goede justitie zal vaststellen;
10. te bepalen dat de in deze zaak te geven beschikking uitvoerbaar zal zijn bij
voorraad en op alle werkdagen tussen 8.30 en 18.30 en alle locaties in Nederland.
1.3.
In het rekest zijn de digitale stukken, waarop verzoekers beslag willen doen leggen, gespecificeerd als volgt:
alle documenten en informatie beschikbaar bij gerekwestreerden, inclusief maar niet beperkt tot interne en externe correspondentie (brieven, e-mails etc.), memo’s, concepten, Word-documenten, tekeningen etc.(in geschreven en elektronische vorm), die één of meer van de volgende trefwoorden (zoektermen) bevatten:[term 1], [term 2], [term 3], [term 4], [term 5], [term 6], [term 7], [term 8]
, ‘[term 9]’, ‘[term 10]’,
en [term 11];
alsmede op alle eerdere concepten en verwante documentatie (interne en externe
correspondentie, memo’s, etc., in geschreven of elektronische vorm) terzake van
de [gerekwestreerde 1] aanvragen, welke één of meer van de volgende trefwoorden (zoektermen)bevatten:
[term 12], [term 13], [term 14], [term 15]), [term 16], ‘[term 17]’.

2.De beoordeling2.1. De Hoge Raad heeft in zijn arrest van 13 september 2013 (LJN BZ9958) over de reikwijdte van artikel 843a Rv. met betrekking tot digitale documenten onder meer overwogen als volgt (zakelijk weergegeven). Een bewijsbeslag is een ingrijpend dwangmiddel waardoor onder omstandigheden aan de wederpartij aanzienlijke hinder of schade kan worden toegebracht. Het beslag mag slechts worden gelegd op de in het verzoekschrift genoemde bescheiden. In het verzoekschrift dienen de in het beslag te noemen bescheiden zo precies te worden omschreven als in de gegeven omstandigheden redelijkerwijs van de verzoeker kan worden verlangd, omdat de beslaglegging niet mag ontaarden in een fishing expedition.

2.2.
De voorzieningenrechter toetst het verzoek aan artikel 843a Rv. in het licht van deze overwegingen van de Hoge Raad. De rechter begrijpt uit dit gebruik in het verzoekschrift van de woorden ‘zoektermen’ en ‘trefwoorden’, dat verzoekster kennelijk
allebij gerekwestreerden aan te treffen digitale documenten (alsmede alle eerdere concepten daarvan en inclusief verwante documentatie zoals interne en externe correspondentie), niet één uitgezonderd, in de vorm van digitale kopieën in beslag wil laten nemen, en dat verzoekster deze kopieën vervolgens (zodra kennisneming van die stukken of van een deel daarvan zou worden toegestaan) met behulp van een zoekmachine zoals Google wil doorzoeken om daaruit die stukken te selecteren waarin (telkens) tenminste één van de door haar gewenste zeventien zoektermen voorkomt.
2.3.
Het verzoek strekt dus tot inbeslagneming van
allebij gerekwestreerden aan te treffen digitale documenten, die verzoekster vervolgens allemaal wil laten doorzoeken op basis van de hiervoor opgesomde zeventien trefwoorden of zoektermen.
2.4.
Verzoekster kan dus kennelijk pas
nadie doorzoeking en dus pas
nakennisneming van de inhoud van die documenten, althans pas na kennisneming van een door de zoekmachine gegeven korte samenvatting of aanduiding van de inhoud van die documenten, aanwijzen van welke bepaalde bescheiden zij inzage, afschrift of uittreksel wil vorderen.
2.5.
Dat is te ruim, en beantwoordt niet aan de in artikel 843a Rv. ter voorkoming van ‘fishing expeditions’ gestelde voorwaarde dat slechts inzage, afschrift of een uittreksel kan worden gevorderd van
bepaaldebescheiden.
2.6.
De voorzieningenrechter neemt bij dit oordeel ook in aanmerking, dat partijen kennelijk concurrenten van elkaar zijn op een gebied van geavanceerde technologische ontwikkelingen. Niet alleen verzoekster, maar ook gerekwestreerden hebben groot belang bij bescherming tegen inzage van hun bedrijfsgeheimen door een concurrent, ook wanneer die inzage een neveneffect is van toepassing van de wettelijke regeling inzake bewijsbeslag.
2.7.
Op grond van het voorgaande moet het verzoek worden afgewezen.
De beslissing:
De voorzieningenrechter:
Wijst het verzoek af.
Deze beschikking is gegeven te Almelo door mr. Hangelbroek, voorzieningenrechter,
op [datum] 2014.