ECLI:NL:RBOVE:2013:CA2970
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Bottenberg – van Ommeren
- Rechtspraak.nl
Ontbinding geldleningsovereenkomst wegens niet-nakoming en betwisting handtekening
In deze zaak vordert gedaagde betaling van een openstaand bedrag van €28.500,00 uit hoofde van een geldlening die eiser tussen 2002 en 2009 van haar ontving. Partijen sloten op 12 april 2011 een contract waarin eiser erkent nog €35.000,00 verschuldigd te zijn, met een afbetalingsregeling.
Eiser betwist dat hij de handtekening onder deze overeenkomst heeft gezet en ontkent de betalingsverplichting. De rechtbank overweegt dat de ontkenning van de handtekening niet als een stellige ontkenning in de zin van artikel 159 lid 2 Rv Pro kan worden aangemerkt, omdat eiser niet ingaat op de argumenten van gedaagde, zoals de aanwezigheid van haar dochter bij ondertekening en eerdere betalingen door eiser.
De rechtbank stelt vast dat eiser in verzuim is en dat de vorderingen van gedaagde in de verstekzaak terecht zijn toegewezen. Het verzet van eiser wordt ongegrond verklaard en hij wordt veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Het verzet van eiser wordt ongegrond verklaard en hij wordt veroordeeld tot betaling van het openstaande bedrag en proceskosten.