ECLI:NL:RBOVE:2013:CA1135
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen disciplinaire salarisvermindering wegens onjuiste reisdeclaraties
Eiser, werkzaam bij het Ministerie van Infrastructuur en Milieu, kreeg een disciplinaire straf opgelegd door zijn salaris gedurende twee jaar met twee periodieken te verminderen vanwege plichtsverzuim bij reisdeclaraties. Hij declareerde woon-werkverkeer als dienstreis tegen een te hoog tarief en ontving daarnaast dubbele vergoedingen.
Na een onderzoek door een bedrijfsrecherchebureau werd vastgesteld dat eiser ruim €5.000 te veel had ontvangen. De rechtbank oordeelt dat eiser bewust in strijd met gemaakte afspraken heeft gedeclareerd en zich niet als een goed ambtenaar heeft gedragen. De door eiser aangevoerde onwetendheid en goedkeuring van zijn declaraties door leidinggevenden weerleggen dit niet.
De rechtbank acht het plichtsverzuim ernstig en de opgelegde straf proportioneel, mede gezien de ernst van de overtreding en het feit dat de werkgever zelf ook tekort is geschoten in controle. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de disciplinaire salarisvermindering wegens onjuiste reisdeclaraties wordt ongegrond verklaard.