ECLI:NL:RBOVE:2013:2236
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging intrekking aanwijzing Badhuis Hengelo als gemeentelijk monument wegens motiveringsgebreken
De rechtbank Overijssel behandelde het beroep van Stichting Cuypersgenootschap en Bond Heemschut tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Hengelo om de aanwijzing van het Badhuis als gemeentelijk monument in te trekken. Het primaire besluit van 14 augustus 2012 werd gehandhaafd bij het bestreden besluit van 12 februari 2013, ondanks bezwaren van eisers.
De voorzieningenrechter had eerder geconstateerd dat het besluit motiveringsgebreken vertoonde, met name dat het advies van de monumentencommissie niet adequaat was en de monumentale waarde van het pand onvoldoende was onderbouwd. Verweerder had tijdens beroep aanvullende adviezen en rapporten overgelegd, maar deze bleken deels politiek van aard en boden geen sluitende onderbouwing.
Eisers brachten een advies van de welstandscommissie Het Oversticht in, dat stelde dat voldoende monumentale waarden resteren om het Badhuis als gemeentelijk monument te handhaven. De rechtbank oordeelde dat verweerder dit advies ten onrechte niet aan zijn besluitvorming had betrokken en dat zorgvuldigheid gebiedt dit alsnog te doen.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit wegens strijd met de artikelen 3:2 en 7:12 Awb en schorste het primaire besluit tot zes weken na een nieuwe beslissing. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan eisers. De rechtbank gaf partijen in overweging om te onderzoeken of een partieel behoud van het monument mogelijk is, waarbij monumentale delen worden gerestaureerd en niet-monumentale delen gesloopt kunnen worden.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot intrekking van de gemeentelijke monumentenstatus van het Badhuis wordt vernietigd en verweerder wordt opgedragen een nieuwe beslissing te nemen met inachtneming van het advies van de welstandscommissie.