ECLI:NL:RBONE:2013:BZ3485
Rechtbank Oost-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens afpersing, drugshandel en wapenbezit met voorwaardelijke gevangenisstraf en werkstraf
De rechtbank Oost-Nederland heeft op 6 maart 2013 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen verdachte, die werd beschuldigd van afpersing, het bezit van harddrugs en het bezit van verboden wapens. De feiten betreffen onder meer het met geweld dwingen van het slachtoffer tot het afstaan van geld en goederen, het aanwezig hebben van 438,26 gram amfetamine en 17,29 gram methamfetamine, en het bezit van een hagelgeweer en een pistool.
Tijdens de zitting op 20 februari 2013 werd verdachte bijgestaan door zijn raadsman. De rechtbank achtte de verklaringen van het slachtoffer en andere bewijsmiddelen wettig en overtuigend bewezen. Verdachte had het slachtoffer met een jachtgeweer geslagen en bedreigd, waardoor het slachtoffer onder dwang een briefje moest schrijven waarin stond dat hij 1500 euro in twee termijnen moest betalen.
De rechtbank hield rekening met de persoonlijke omstandigheden van verdachte, waaronder zijn opname in een forensische verslavingskliniek en positieve behandelrapportages. Daarom werd een gevangenisstraf van 31 maanden opgelegd, waarvan 24 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van vijf jaar, gekoppeld aan bijzondere voorwaarden zoals behandeling en reclasseringstoezicht. Daarnaast werd een werkstraf van 240 uur opgelegd ter vervanging van eerdere voorwaardelijke gevangenisstraffen.
De rechtbank kende aan het slachtoffer een schadevergoeding toe van €1250,- met wettelijke rente en legde een schadevergoedingsmaatregel op. De inbeslaggenomen wapens en drugs werden onttrokken aan het verkeer. De straf en voorwaarden zijn gericht op het voorkomen van recidive en het bevorderen van rehabilitatie.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 31 maanden gevangenisstraf waarvan 24 maanden voorwaardelijk en een werkstraf van 240 uur met bijzondere voorwaarden gericht op behandeling en resocialisatie.