ECLI:NL:RBOBR:2026:707

Rechtbank Oost-Brabant

Datum uitspraak
28 januari 2026
Publicatiedatum
3 februari 2026
Zaaknummer
11962645 TD VERZ 25-1614
Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:391 BWArt. 1:441 BWRegeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Instelling bewind op verzoek zorginstelling wegens verslavingsproblematiek en financiële onmacht

De rechtbank Oost-Brabant heeft op verzoek van een zorginstelling een bewind ingesteld over de financiële belangen van betrokkene, die sinds april 2024 verblijft in een begeleid wonenlocatie in het kader van tbs met dwangverpleging. Betrokkene ontvangt een beperkt zak- en kleedgeld en kampt met verslavingsproblematiek, waarbij sprake is van terugval in drugsgebruik en eerdere betrokkenheid bij drugshandel.

De zorginstelling stelde dat betrokkene onvoldoende openheid geeft over zijn financiën, regelmatig geld ontvangt van medecliënten dat direct aan zijn partner wordt doorgegeven, en onverstandige financiële keuzes maakt. Vrijwillig budgetbeheer bleek niet mogelijk. Betrokkene zelf erkende inzicht te hebben in zijn financiën en wil schulden oplossen, maar ziet geen meerwaarde in bewindvoering vanwege de beperkte inkomsten en vermeende extra kosten.

De kantonrechter oordeelde dat betrokkene vanwege zijn lichamelijke en geestelijke toestand onvoldoende in staat is zijn vermogensrechtelijke belangen te behartigen. Het bewind is geen straf, maar een hulpmiddel om de financiële situatie te stabiliseren en zo de terugkeer in de maatschappij te ondersteunen. Ook de spanningen tussen betrokkene en de begeleid wonenlocatie maken een onafhankelijke bewindvoerder noodzakelijk. De beschikking wordt ingeschreven in het Centraal curatele- en bewindregister en de beloning van de bewindvoerder wordt vastgesteld conform de geldende regeling.

Uitkomst: De rechtbank stelt bewind in over de financiële belangen van betrokkene vanwege verslavingsproblematiek en onvoldoende medewerking.

Uitspraak

RECHTBANK OOST-BRABANT
Zittingsplaats ’s-Hertogenbosch
zaaknummer : 11962645 TD VERZ 25-1614
datum : 28 januari 2026
[initialen griffier]

beschikking op een verzoek tot onderbewindstelling

op verzoek van:
[Naam zorginstelling]
gevestigd te [woonplaats]
in deze zaak vertegenwoordigd door [naam]
correspondentieadres: [adres] ,
hierna te noemen: verzoekster,
met betrekking tot:

[naam] ,

geboren te [woonplaats] op [datum] ,
thans verblijvende te [adres] ,
hierna te noemen: betrokkene.

procedure

De kantonrechter heeft kennisgenomen van:
- het verzoek (met bijlagen), ontvangen op 11 november 2025.
Het verzoek is mondeling behandeld op 21 januari 2026. Betrokkene is hierbij middels videoverbinding gehoord.

beoordeling

Het verzoek strekt tot instelling van een bewind voor betrokkene en publicatie daarvan in het Centraal curatele- en bewindregister. Aan het verzoek wordt het volgende ten grondslag gelegd.
Betrokkene verblijft sinds 19 april 2024 in de [begeleid wonenlocatie] in het kader van tbs met dwangverpleging. Betrokkene ontvangt enkel zak- en kleedgeld vanuit Justitie voor een bedrag van € 84,37 per maand. Volgens verzoekster geeft betrokkene aan hiervan niet te kunnen rondkomen. Bij betrokkene is sprake van verslavingsproblematiek en bij aanvang van de opname in de [begeleid wonenlocatie] heeft betrokkene een terugval gehad in zijn drugsgebruik. Ook zou betrokkene al voor zijn opname bekend zijn met drugshandel. Verzoekster geeft aan dat betrokkene geregeld geldbedragen ontvangt van medecliënten en dat deze bedragen direct aan zijn partner worden doorgestort. Betrokkene zou daarnaast niet of nauwelijks openheid willen geven aangaande zijn financiën, beïnvloedbaar zijn en onverstandige keuzes maken als het om geld gaat. Vrijwillig budgetbeheer is bij betrokkene niet mogelijk gebleken. De behandelaren vanuit de [begeleid wonenlocatie] merken bij betrokkene veel weerstand om (over zijn financiën) in gesprek aan te gaan. Verzoekster meent dat betrokkene langdurig niet (voldoende) in staat is zijn financiële belangen naar behoren te behartigen en dat onderbewindstelling betrokkene zal helpen bij het aflossen (en voorkomen) van schulden en het voorkomen van strafbare feiten.
Op de zitting heeft verzoekster toegelicht dat wanneer het over geldkwesties gaat, er spanningen optreden tussen betrokkene en verzoekster, die op dit moment de behandeling van betrokkene ook in de weg staan.
Betrokkene heeft zich op de zitting uitgelaten over het verzoek. Volgens betrokkene heeft bewind geen meerwaarde, mede omdat hij weinig inkomsten heeft. Daarbij stelt betrokkene dat het benoemen van een (professionele) bewindvoerder leidt tot het (onnodig) aanjagen van kosten. Betrokkene stelt tevens inzicht te hebben in zijn financiën en zijn schulden te willen oplossen. Dit laatste is enkel mogelijk indien er inkomsten zijn. Betrokkene gaf aan dat hij in algemene zin wel bereid is om openheid te geven over zijn financiën aan de [begeleid wonenlocatie] , alleen dat hij dat (incidenteel) niet wilde doen ten aanzien van aantal medecliënten die hem geld zouden hebben verstrekt, omdat de desbetreffende personen niet zouden willen dat bekend werd dat ze aan betrokkene geld hadden gegeven. Ook geeft betrokkene aan dat hij geen spanningen voelt bij geldvraagstukken.
De kantonrechter overweegt als volgt.
Uit de stukken en het verhandelde ter zitting blijkt dat betrokkene vanwege zijn lichamelijke of geestelijke toestand onvoldoende in staat is zijn vermogensrechtelijke belangen te behartigen.
Betrokkene ontvangt met regelmaat geld van derden, wat vervolgens ook wordt doorgegeven aan de partner van betrokkene. Betrokkene werkt momenteel onvoldoende mee in het verschaffen van openheid in deze gelden en zijn overige financiën. Dit is gelet op de verslavingsproblematiek bij betrokkene en het risico op schulden en strafbare feiten wel van belang, en ook een onderdeel van het kunnen terugkeren naar de maatschappij. Het hebben van een bewindvoerder is dan ook geen straf, maar een hulpmiddel voor betrokkene om zijn financiële situatie op orde te krijgen en te houden, zodat betrokkene mede vanuit financieel oogpunt uiteindelijk kan worden voorbereid op een (mogelijke) terugkeer in de maatschappij. Ook gezien de spanningen tussen betrokkene en (de behandelaren van) de [begeleid wonenlocatie] , is het van belang dat een onafhankelijke bewindvoerder wordt benoemd, die de (financiële) belangen van betrokkene in ogenschouw neemt. Naar alle waarschijnlijkheid zal het hebben van een onafhankelijke bewindvoerder de behandeling van betrokkene bij de [begeleid wonenlocatie] ten goede komen. Op dit moment zorgen de spanningen tussen betrokkene en de [begeleid wonenlocatie] ervoor dat de behandeling niet adequaat gevolgd kan worden. En dit is niet in het belang van betrokkene. Betrokkene komt (naar verwachting) in aanmerking voor het ontvangen van bijzondere bijstand om de kosten van een professionele bewindvoerder te dragen, dus de stelling van betrokkene dat met bewind hem onnodig kosten zouden worden aangejaagd is dan ook niet juist.
Op basis van het bovenstaande zal de kantonrechter het verzoek toewijzen en het bewind instellen met benoeming van de voorgestelde bewindvoerder.
De kantonrechter zal tevens bepalen dat deze beschikking wordt ingeschreven in het Centraal curatele- en bewindregister, zoals bedoeld in artikel 1:391 van Pro het Burgerlijk Wetboek.
Betrokkene is (op dit moment) niet in staat om de rekening en verantwoording te beoordelen. Betrokkene is op dit moment niet in staat om toestemming te geven voor de handelingen als bedoeld in artikel 1:441 Burgerlijk Pro Wetboek.
De kantonrechter zal de beloning voor de aanvangswerkzaamheden vaststellen overeenkomstig het eerstgenoemde bedrag in artikel 3 lid 5 sub a van Pro de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren. Deze beloning is exclusief omzetbelasting.
Betrokkene heeft problematische schulden. De kantonrechter zal de jaarbeloning vaststellen overeenkomstig artikel 3 lid 2 sub b van Pro de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren. Deze beloning is inclusief onkostenvergoeding en exclusief omzetbelasting voor zover van toepassing.

beslissing

De kantonrechter:
- stelt met ingang van de dag na de datum van verzending van deze beschikking een bewind in over de goederen die
[naam](zullen) toebehoren vanwege zijn lichamelijke of geestelijke toestand;
- benoemt met ingang van de dag na de datum van verzending van deze beschikking tot bewindvoerder:
[naam];
- bepaalt dat deze beschikking wordt ingeschreven in het Centraal curatele- en bewindregister, zoals bedoeld in artikel 1:391 van Pro het Burgerlijk Wetboek;
- bepaalt dat de bewindvoerder voor de (aanvangs)werkzaamheden en voor de met het bewind gemoeide kosten de in de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren vastgestelde forfaitaire tarieven ten laste van het vermogen van betrokkene mag brengen.
Deze beschikking is gegeven door mr. S.C.E.F. Moulen Janssen, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 28 januari 2026.
Tegen deze beschikking kan - uitsluitend door tussenkomst van een advocaat - hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te 's-Hertogenbosch:
a. door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van deze beschikking (digitaal) is verstrekt of verzonden binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
b. door andere belanghebbenden binnen drie maanden na betekening daarvan of nadat deze beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.