Uitspraak
[bedrijfsnaam gedaagde],
1.De procedure
- de akte uitlaten tevens wijziging van eis aan de kant DIT;
Rechtbank Oost-Brabant
Eiser, een uitzend- en detacheringsbureau, vordert betaling van openstaande facturen voor de inzet van twee loodgieters bij gedaagde, een opdrachtgever in de utiliteitsbouw. Gedaagde betwist de toepasselijkheid van de algemene voorwaarden en stelt dat facturen eerst goedgekeurd hadden moeten worden. De rechtbank oordeelt dat de algemene voorwaarden van eiser van toepassing zijn, omdat gedaagde voldoende gelegenheid had om hiervan kennis te nemen via een online portal.
De rechtbank stelt vast dat gedaagde de urenoverzichten niet heeft goedgekeurd, maar dat een medewerker van eiser deze in afwezigheid heeft geaccordeerd, wat in de gegeven omstandigheden toereikend is. Het beroep op verrekening door gedaagde faalt omdat de tegenvordering tot schadevergoeding wegens tekortschieten van de arbeidskrachten onvoldoende is onderbouwd en het causaal verband met de gestelde schade niet is vastgesteld.
Hoewel de rechtbank erkent dat enkele arbeidskrachten niet voldeden aan de kwaliteitseisen, is onvoldoende concreet gemaakt welke schade hierdoor is ontstaan en welke arbeidskracht verantwoordelijk is. De vordering tot betaling van buitengerechtelijke incassokosten wordt gematigd toegewezen, maar na betaling door gedaagde resteert geen openstaand bedrag. Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de hoofdsom, contractuele rente en proceskosten. De tegenvordering wordt afgewezen.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van openstaande facturen en contractuele rente, terwijl de tegenvordering tot schadevergoeding wordt afgewezen.