Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
uitspraak van de voorzieningenrechter van 21 juli 2026 in de zaak tussen
[verzoeker] , uit [woonplaats] , verzoeker
de burgemeester van de gemeente Eindhoven, de burgemeester
Samenvatting
Procesverloop
zes weken. Ook heeft de burgemeester de alcoholwetvergunning en de aanwezigheidsvergunning voor kansspelautomaten van beide zaken ingetrokken.
Totstandkoming van het besluit
Tweede verklaring verdachte:
Beoordeling door de voorzieningenrechter
.Nu hiervoor is vastgesteld dat de burgemeester bevoegd was het café te sluiten en dat de burgemeester sluiting van het café ook noodzakelijk heeft mogen vinden, ligt de vraag voor of sluiting voor de duur van zes weken evenwichtig is. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter is het bestreden besluit op dit punt onvoldoende gemotiveerd. De burgemeester overweegt terecht dat een steekpartij een ernstige verstoring is van de openbare orde en op grond van het HSP kan de burgemeester in zo’n geval sluiten voor maximaal twaalf maanden. Hier blijft de burgemeester met een sluiting van zes weken ruim onder. Ook heeft de burgemeester mogen vinden dat verzoeker een verwijt valt te maken. Hij is verantwoordelijk voor wat er in zijn café gebeurt. Bij de politie zijn in het verleden al eerder meldingen van overlast van het café binnengekomen en het is aan verzoeker om overlast in of door zijn onderneming te voorkomen.
Conclusie en gevolgen
totaal € 1.868,-.
Beslissing
- wijst het verzoek om voorlopige voorziening toe;
- schorst het primaire besluit tot zes weken na bekendmaking van de beslissing op bezwaar;
- bepaalt dat de burgemeester het griffierecht van € 200,- aan verzoeker moet vergoeden;
- veroordeelt de burgemeester tot betaling van € 1.868,- aan proceskosten aan verzoeker.