Verzoekster heeft een verzoek ingediend tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling (Wsnp) vanwege een schuldenlast van €27.375,55 die zij niet kan aflossen. De rechtbank beoordeelt het verzoek op basis van de gedragsmaatstaf van goede trouw en de inspanningen van verzoekster om haar schulden af te lossen.
Uit de stukken blijkt dat verzoekster sinds het verlies van haar baan in 2023 niet heeft gewerkt of gesolliciteerd vanwege een burn-out, waarvoor zij zich nog niet heeft laten behandelen. Diverse trajecten en afspraken met de gemeente en beschermingsbewindvoerder zijn niet nagekomen, en verzoekster toont een passieve houding in haar herstelproces. Het psychologisch rapport adviseert behandeling om duurzaam functioneren te verbeteren.
De rechtbank concludeert dat verzoekster niet te goeder trouw is geweest in het onbetaald laten van haar schulden en onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zij haar verplichtingen uit de schuldsaneringsregeling zal nakomen. Het verzoek wordt daarom afgewezen. Er is geen aanleiding om de hardheidsclausule toe te passen.