Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBOBR:2026:3109

Rechtbank Oost-Brabant

Datum uitspraak
15 april 2026
Publicatiedatum
8 mei 2026
Zaaknummer
NL:TZ:0000319053:B001 en NL:TZ:0000319098:B001
Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek machtiging schenking wegens ontbreken schenkingstraditie en belang

Verzoeker, als bewindvoerder van twee niet wilsbekwame betrokkenen wegens dementie, verzocht om machtiging voor het doen van een schenking van €6.908 aan elk van de twee dochters van betrokkenen. Betrokkenen beschikken over voldoende vermogen, verkregen uit de verkoop van hun woning in 2024, maar er bestaat geen schenkingstraditie omdat zij voor het bewind niet vermogend waren.

De bewindvoerder stelde dat de schenking het welzijn van betrokkenen zou bevorderen en een passende erkenning zou zijn voor de intensieve zorg van de dochters. Eerder was een eenmalige schenking toegekend onder bijzondere omstandigheden, maar dit had geen schenkingstraditie gecreëerd.

Conform de geldende aanbevelingen is het in beginsel niet toegestaan schenkingen te doen ten laste van het vermogen van wilsonbekwame betrokkenen zonder schenkingstraditie, tenzij bijzondere omstandigheden het belang van betrokkenen vereisen. Uit het dossier bleek geen schenkingstraditie en ontbraken bijzondere omstandigheden die de schenking rechtvaardigen.

De kantonrechter heeft daarom het verzoek afgewogen en besloten het af te wijzen. Verzoeker kreeg de mogelijkheid tot nadere toelichting, maar heeft hiervan geen gebruik gemaakt. Tegen deze beschikking staat hoger beroep open via een advocaat.

Uitkomst: Verzoek tot machtiging schenking wordt afgewezen wegens ontbreken schenkingstraditie en belang.

Uitspraak

RECHTBANK OOST-BRABANT
Toezicht
toezichtnummer
:
[Zaaknummer A] en [Zaaknummer B]
CBM-nummer
:
[dossiernummer A] en [dossiernummer B]
beschikkingsnummer
:
003 en 004
[initialen griffier]

Beschikking van de kantonrechter van 15 april 2026

op verzoek van:

Mentum Bewindvoering B.V.,Postbus 88, 5740 AB Beek en Donk,Kamer van Koophandel-nummer 88410331,

hierna te noemen: verzoeker,
met betrekking tot:

[naam betrokkene A] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] ,
wonende te [adres] , [postcode] [woonplaats] ,
en

[naam betrokkene B] ,geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] ,wonende te [adres] , [postcode] [woonplaats] ,hierna te noemen: betrokkenen.

procedure

De kantonrechter heeft kennisgenomen van:
- het verzoekschrift met bijlagen, ontvangen op 20 maart 2026,
- de nadere informatie, ontvangen op 24 maart 2026.
De kantonrechter heeft op grond van de ontvangen informatie afgezien van een mondelinge behandeling.

beoordeling

Verzoeker vraagt, in zijn hoedanigheid van bewindvoerder, machtiging voor het doen van een schenking, ten laste van het gezamenlijk vermogen van betrokkenen, van een bedrag van € 6.908,00 aan ieder van de twee dochters van betrokkenen.
Aan het verzoek wordt het volgende ten grondslag gelegd. Betrokkenen zijn beiden niet wilsbekwaam wegens dementie. Het vermogen van betrokkenen is ruimschoots toereikend
om in hun onderhoud te voorzien. Er is geen sprake van een schenkingstraditie vanwege het feit dat betrokkenen voor aanvang van het bewind niet vermogend waren. Betrokkenen hebben hun vermogen verkregen door de verkoop van de echtelijke woning in 2024. Verzoeker draagt aan dat er sprake is van een aantoonbare schenkingsintentie en omstandigheden waarbij de gevraagde schenkingen bijdragen aan het welzijn van betrokkenen. De dochters zijn intensief betrokken bij de zorg en ondersteuning van betrokkenen. Volgens verzoeker kan een schenking mede worden gezien als een passende erkenning en draagt bij aan het in stand houden van de betrokkenheid, hetgeen direct in het belang is van betrokkenen en hun leefomgeving.
Door de kantonrechter is op 20 juni 2024 onder zaaknummers [Zaaknummer A] en [Zaaknummer B] een eenmalige schenking aan de dochters van betrokkenen toegekend vanwege de aanwezigheid van bijzondere omstandigheden. In deze beschikking heeft de kantonrechter benadrukt dat daarmee geen schenkingstraditie is gecreëerd.
Conform de aanbevelingen Meerderjarigenbewind, curatele en mentorschap, laatstelijk vastgesteld op 3 april 2025, is het in beginsel niet mogelijk om een schenking te doen ten laste van het vermogen van een betrokkene indien betrokkenen hun wil niet kunnen bepalen, tenzij aangetoond kan worden dat zij voorafgaand aan de instelling van het bewind reeds schenkingen deden (de zogenaamde schenkingstraditie). In bijzondere, door de bewindvoerder aan te voeren omstandigheden, kan van deze regel worden afgeweken indien het belang van betrokkenen dat vereist, zoals het verbeteren van de leefomgeving van betrokkenen.
Uit het dossier en de verklaring van verzoeker blijkt dat er geen schenkingstraditie bestaat en er zijn geen bijzondere omstandigheden die de verzochte schenking rechtvaardigen. Gelet hierop heeft de griffier verzoeker bij bericht in Toezicht van 24 maart 2026 meegedeeld dat de kantonrechter voornemens is het verzoek af te wijzen. Verzoeker is in de gelegenheid gesteld een aanvullende toelichting ter zitting te geven indien er sprake was van aanvullende bijzondere omstandigheden. Verzoeker heeft hiervan geen gebruik gemaakt.
Gelet op het vorenstaande zal de kantonrechter het verzoek afwijzen nu er geen sprake is van een schenkingstraditie en gesteld noch gebleken is dat een schenking in het belang is van betrokkenen.

beslissing

De kantonrechter:
- wijst het verzoek af.
Deze beschikking is gegeven door mr. C.S.M. Morel, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 15 april 2026.
Tegen deze beschikking kan -uitsluitend door tussenkomst van een advocaat- hoger beroep worden ingesteld bij het Gerechtshof 's-Hertogenbosch:
a. door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van deze beschikking (digitaal) is verstrekt of verzonden binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
b. door andere belanghebbenden binnen drie maanden na betekening daarvan of nadat deze beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.