ECLI:NL:RBOBR:2026:3073
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen voorschot WIA-uitkering en niet tijdig beslissen niet-ontvankelijk en ongegrond verklaard
Eiseres maakte bezwaar tegen een voorschotbesluit van het UWV op haar WIA-uitkering en stelde het UWV in gebreke wegens het niet tijdig beslissen op haar bezwaar. De rechtbank oordeelt dat de ingebrekestelling te vroeg was, waardoor het beroep tegen het niet tijdig beslissen niet-ontvankelijk is.
Daarnaast is het beroep tegen het inhoudelijke besluit van het UWV ongegrond. De rechtbank stelt vast dat het UWV terecht een voorschot heeft toegekend vanaf het moment dat de maximale duur van de Ziektewet-uitkering was bereikt. De hoorplicht is niet geschonden omdat eiseres was uitgenodigd voor een hoorzitting maar niet is verschenen.
De hoogte van het voorschot is op redelijke uitgangspunten gebaseerd en het UWV hoeft bij het voorschot nog niet de eerste ziektedag of wachttijd vast te stellen. De rechtbank wijst het verzoek af om de Ziektewet-uitkering door te betalen totdat het UWV een besluit op de WIA-aanvraag neemt, omdat de maximale duur wettelijk is vastgesteld. Het besluit blijft ongewijzigd en eiseres krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen is niet-ontvankelijk en het beroep tegen het voorschotbesluit is ongegrond verklaard.