Q-Park exploiteert de parkeergarage Eindhoven-Heuvel. Op 14 september 2025 reed gedaagde met een auto zonder te betalen door de slagboom van deze parkeergarage. Q-Park vorderde betaling van het gederfde parkeergeld, schade aan de slagboom en bijkomende kosten. Gedaagde voerde aan dat hij niet kon betalen omdat zijn telefoon leeg was en hij geen kaartje had, en dat hij meerdere malen contact heeft gezocht met Q-Park voor een oplossing.
De rechtbank oordeelde dat de overeenkomst met Q-Park niet met gedaagde, maar met zijn vriend was gesloten, waardoor de vordering niet op de overeenkomst kon worden gebaseerd. Subsidiair stelde de rechtbank vast dat gedaagde onrechtmatig handelde door zonder betaling de garage te verlaten en schade aan de slagboom toe te brengen.
Hoewel niet kon worden vastgesteld of gedaagde contact had met Q-Park, was het zijn verantwoordelijkheid om over een betaalmiddel te beschikken. De gevorderde schadevergoeding van €913,41, bestaande uit parkeergeld, schade aan de slagboom en overige kosten, werd toegewezen. De vordering tot vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten werd afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. Gedaagde werd veroordeeld tot betaling van de schadevergoeding, wettelijke rente en proceskosten.