ECLI:NL:RBOBR:2026:2692
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging ontnemingsprocedure na schikking over wederrechtelijk verkregen voordeel
In deze ontnemingszaak vordert de officier van justitie betaling van €4.576.000,- aan wederrechtelijk verkregen voordeel. Na meerdere zittingen is op 16 april 2026 een schikking getroffen tussen de veroordeelde en het Openbaar Ministerie, waarbij de veroordeelde een bedrag van €59.212,18 betaalt.
De schikking houdt in dat de veroordeelde afstand doet van het saldo op twee bankrekeningen ten gunste van de Staat en een resterend bedrag wordt verrekend met een zekerheidsstelling. De rechtbank stelt vast dat de schikkingsovereenkomst rechtsgeldig is ondertekend en dat aan de voorwaarden is voldaan.
Op grond van artikel 6:4:18 Sv Pro eindigt de ontnemingsprocedure van rechtswege bij voldoening aan de schikkingsvoorwaarden. De rechtbank verstaat daarom dat de ontnemingsprocedure is beëindigd en spreekt het vonnis uit overeenkomstig de schikking.
Uitkomst: De ontnemingsprocedure is van rechtswege geëindigd na voldoening aan de schikkingsovereenkomst.